Jer. 12: Jeremiah identificeert
zich met de 144,000 zonen
+ real-life omschrijving
(goed leesbaar) (5)

 

 

chapter context :
continuation of this series ;
Jeremiah identifies himself with the
144,000 sons ; the entire chapter is
true as well for him as for us ;

 

hoofdstuk context
… Jeremiah identificeert zich met óns ;
op een vreemde manier is dit een heel herkenbaar en troostend hoofdstuk ,
omdat alweer blijkt dat zelfs 2500 jaar verder er GEEN verschil is tussen zielen ,
noch dat er verschil is in de werkelijke (problematische) situatie —

 
opzet van de verzen :

  • – Engels volgens Westminster codex
  • – Engelse vertaling van eerstgenoemde
  • – Eventuele begrippen en context van zin
  • – Onze vertaling en context ; uitgebreider
    noten Akk. Sanskrit, glyphs, zie hoofdsite
  • – Nederlandse vertaling , meestal woordelijk
    overgenomen van herzienestatenvertaling nl ,
    vanwege leesbaarheid hoofdletters opgeofferd
  • – Nederlandse vertaling in context van het Report

Alles samen om een zo goed mogelijke woordkleur te vinden ;
context tussen hoekige […] , syntax tussen ronde (….) geplaatst

 

Jeremia 12

 
1-2
Jeremiah spreekt voor zichzelf én de 144,000 zonen (hoofdstuk is ook in ónze huidige tijd) :
righteous you ieue that I-am-contending to·you yea judgments I-am-speaking with·you
for-what-reason way-of wicked-ones she-prospers they-are-at-ease all-of
ones-being-treacherous-of treachery you-planted·them moreover they-take-root
they-are-going moreover they-make fruit near you in·mouth-of·them and·far from·kidneys-of·them
Righteous [art] thou, O LORD, when I plead with thee: yet let me talk with thee of [thy] judgments:
Wherefore doth the way of the wicked prosper? [wherefore] are all they happy that deal very
treacherously? Thou hast planted them, yea, they have taken root: they grow,

yea, they bring forth fruit: thou [art] near in their mouth, and far from their reins.
context : Jeremiah speaks for himself ánd the 144,000 sons (chapter is also in óur time) :
line ,
“IEUE / , you (are) – righteous / that=when – I plead – to=with= you / ,
indeed / I am speaking [in right direction] – (about) the judgment [=’Revelation’] – with you / :
why – (does) the way of – the sinful ones [=’being own boss’] – prosper / ,
(and) all – the ones dealing treacherous [=’by this type body’] – (are) relaxed ? / ;
you planted them / , moreover / they take root / , they go on / , moreover / they produce – fruit / ;
you (are) – near – in their mouth [=’they speak about you’]
and=but far – from their kidneys [=’subconsciousness’] / ;
(De voorspoed van de goddelozen)
Heer, u zou rechtvaardig blijken, wanneer ik met u een rechtszaak zou voeren .
Toch wil ik met u over uw oordelen spreken.
Waarom is de weg van de goddelozen voorspoedig, waarom hebben rust ,
allen die in ontrouw trouweloos handelen ?
U hebt hen geplant, ook hebben zij wortel geschoten, zij gaan hun gang, ook dragen zij vrucht.
U bent nabij in hun mond , maar ver van hun nieren .

“IEUE , u bent rechtvaardig wanneer ik met u pleit ,
inderdaad spreek ik [in goede richting] over het oordeel [=’Openbaring’] met u :
waarom is de weg van de zondaren [=’eigen baas zijn’] voorspoedig ,
en hebben allen die trouweloos handelen [=’door dit type lichaam’] rust ? ;
u hebt hen geplant , ook hebben zij wortel geschoten , +
zij gaan hun gang , ook produceren zij vrucht ;
u bent nabij in hun mond [=’zij praten over u’] , maar ver van hun nieren [=’onbewuste’] ;

 
3-4
Jeremiah weet dat de zonen op moeten gaan staan – voordat het te laat zal zijn :
and·you ieue you-know·me you-are-seeing·me and·you-test heart-of·me with·you
pull-away-you·them ! as·flock to·slaughter and·hallow-you·them ! for·day-of killing
until when ? she-shall-mourn the·land and·herbage-of every-of the·field he-shall-dry-up
from·evil-of ones-dwelling-of in·her she-is-swept-off beasts and·flyer that they-say
not he-shall-see hereafter-of·us
But thou, O LORD, knowest me: thou hast seen me, and tried mine heart toward thee:
pull them out like sheep for the slaughter, and prepare them for the day of slaughter.
How long shall the land mourn, and the herbs of every field wither,
for the wickedness of them that dwell therein? the beasts are consumed, and the birds;
because they said, He shall not see our last end.

  • context : Jeremiah knows that the sons need to rise up – before it will be too late :
    though none of ús have , we must seriously consider that Jeremiah DID see
    the situation of the darkened land ; probably because of legal right ;

line ,
“and=yet you / IEUE / know me / , you are seeing me / , +
and you examine – my heart – with=towards you / :
draw out you ! – the flock [=’144,000’] – to=before the slaughter / ,
and sanctify you them ! / for=before the day of – the killing / :
untill when – shall – the [eden-] land – (have) to mourn / , +
and the vegetation of – the field – wither ?/ ;
from=by the evil of – the ones [=’spirits’] dwelling – in her , +
animals – and birds – are swept off [it] / ,
that=indeed – they [=’spirits’] say / : the final end of us – shall – not – be seen / ;
U echter, Heer, kent mij, u ziet mij, u beproeft mijn hart, dat met u is .
Ruk hen weg als schapen ter slachting, bereid hen voor [heilig hen] op de dag van de slacht.
Hoelang moet het land treuren, het gewas op heel het veld verdorren ?
Vanwege het kwaad van wie daarin wonen, vergaan de dieren en de vogels,
omdat zij gezegd hebben : Hij ziet ons einde niet .

“u echter , IEUE , kent mij , u ziet mij , en u beproeft mijn hart tegenover u :
ruk de kudde weg [=’144,000’] vóor de slachting ,
en heilig hen vóor de dag van de slacht ! ;
hoelang moet het [eden-] land nog treuren , en het gewas op heel het veld verdorren ? ;
vanwege het kwaad van die [=’geesten’] daarin wonen , zijn de dieren en de vogels weggevaagd , inderdaad zeggen zij [=’geesten’] : het einde van ons zal niet gezien worden ;

 
part II — deel II

 
5-6
hoe het persoonlijke leven van Jeremiah (én van de zonen) er uit ziet :
that with footmen you-ran and·they-are-tiring·you and·how ? you-shall-compete
with the·horses and·in·land-of peace you trusting and·how ? you-shall-do in·swell-of
the·Jordan that even brothers-of·you and·house-of father-of·you even they
they-are-treacherous in·you even they they-call after·you fulsomely must-not-be
you-are-trusting in·them that they-are-speaking to·you good-things
If thou hast run with the footmen, and they have wearied thee, then how canst thou contend
with horses? and [if] in the land of peace, [wherein] thou trustedst, [they wearied thee],
then how wilt thou do in the swelling of Jordan? For even thy brethren, and the house of
thy father, even they have dealt treacherously with thee; yea, they have called
a multitude after thee: believe them not, though they speak fair words unto thee.
‘contend’ , H8474 thacharah ; -charah ‘[compete] in anger’ ;

  • context : how the personal life of Jeremiah (ánd of the sons) looks like :
    we had the chapter about “go barefoot , and ignore your thirst”,
    where the context was about “searching back eden” ; the colour of ‘horses’
    can be a bit Off , still , but should be linked to “the brothers” ;

line ,
“that=surely – you [=’we’] (are) running – on foot / and it exhausts you        [=’looking for eden’] / ,
and=so how – you (can) compete – with – horses ?       [=’people with a strong ego’?] / ;
and=for – you – (are) trusting – in the land of – [eden-] peace / ,
and=so how – (can) you deal with – the swelling of – the Jordan ?     [=’to survive in this world’] / ;
that=because – even – your brothers – and=from the house of – your father / , +
also – they – are treacherous / in=towards you / :
indeed – they – name you – ‘(being) full of it’ – behind you     [=’behind your back’] / ;
(it) must not be – (that) you are trusting – in them +
that=when – they speak [in right direction] – good [things] – to you / ;
Wanneer u met hardlopers meerent, en die maken u al moe ,
hoe moet u dan wedijveren met paarden ?
Wanneer u alleen in een land van vrede vertrouwt, hoe moet u het dan maken
in de glorie van de Jordaan ? Want ook uw broeders en het huis van uw vader –
ook zij handelen trouweloos tegen u, zij roepen u luid na .
Vertrouw hen niet als ze vriendelijk tot u spreken .

“zeker – u [=’wij’] bent te voet aan het rennen , en dat maakt u vermoeid     [‘=’eden zoekend’] ,
dus hoe moet u wedijveren met paarden ?        [=’mensen met een groot ego’?] ;
want u vertrouwt in het [eden-] land van vrede ,
hoe moet u het dan maken in de vallei van de Jordaan ?       [=’hoe te overleven in deze wereld’] ;
want zelfs uw broeders van het huis van uw vader – ook zij handelen trouweloos tegen u :
inderdaad noemen zij u ‘hij die vol zit met onzin’ , achter uw rug om ;
het moet niet zijn dat u hen vertrouwt +
wanneer zij goede (dingen) tegen u praten [in goede richting] ;

 
7-8-9
over ‘het overleven in deze wereld’ :
ִI-forsook house-of·me I-abandoned allotment-of·me I-gave darling-of soul-of·me
in·palm-of ones-being-enemies-of·her she-became to·me allotment-of·me as·lion
in·the·wildwood she-gave on·me in·voice-of·her on·so I-hate·her ?·to-pounce-of hyena
allotment-of·me for·me ?·bird-of-prey round-about on·her go-you ! gather-you !
every-of animal-of the·field arrive-you ! to·food
I have forsaken mine house, I have left mine heritage; I have given the dearly beloved of my
soul into the hand of her enemies. Mine heritage is unto me as a lion in the forest; it crieth out
against me: therefore have I hated it. Mine heritage [is] unto me [as] a speckled bird, the birds
round about [are] against her; come ye, assemble all the beasts of the field, come to devour.

  • context : about ‘the surviving in this world’ :
    the ‘speckled’ is *always* a term for ‘the mixture as this body’ , and see ch. 15 ;
    also note the relation between the latter and “the beasts of the field” in ch. 15 ;
    predator : not linked to any specific animal ; Dutch has no proper equivalent ;

line ,
“I forsook – my house / , I abandoned – my portion      [=’personal situation downhere’] / ,
I gave – my – beloved – adam-soul – in the palm of – her enemies       [=’spiritual fight’?] / ;
my portion [=‘situation downhere’] – became – to me – as=like a lion – in the forest / :
she [=’lion’] called – her voice – on=against me – on so [therefore] – I hate her [=’the situation’] / ;
my portion – (is) the speckled – predator [=’this mixed body !’] – (being) to=against me / ,
(as) the predator – encompassing – her (!)        [=’the soul’] / ;
[+therefore,] you [should] come ! / , be assembled / , (you) every – animal of – the field / , +
come you / for to devour       [=’an expression of ‘wanting to get rid of this type body’] / ;
(Klacht van de Heer)
Ik heb Mijn huis verlaten , Mijn eigendom in de steek gelaten .
Ik heb de beminde van Mijn ziel in de hand van haar vijanden gegeven .
Mijn eigendom is voor Mij geworden als een leeuw in het woud .
Hij heeft zijn stem tegen Mij laten klinken, daarom ben Ik hem gaan haten .
Mijn eigendom is voor Mij een gespikkelde roofvogel, de roofvogels zijn rondom tegen hem:
kom, verzamel u, alle dieren van het veld, laat ze komen om te eten !

“ik heb mijn huis verlaten , mijn deel [=’persoonlijke situatie’] heb ik in de steek gelaten ,
ik heb mijn beminde adam-ziel in de palm van haar vijanden gegeven [=’geestelijk gevecht’?] ;
mijn deel [=’persoonlijke situatie in deze wereld’] +
is voor mij geworden als een leeuw in het woud :
zij [=’de leeuw’] heeft haar stem tegen mij laten klinken , daarom haat ik haar [=’de situatie’] ;
mijn deel is het gespikkelde roofdier [=’dit vermengde lichaam’] dat tegen mij is ,
als het ‘roofdier’ dat haar [=’de ziel’] volledig omsluit (!) ;
daarom , kom , verzamel u , alle dieren van het veld , l
kom om te verslinden !        [=’een uitdrukking van ‘genoeg hebben van dit lichaam’] ;

 
10-11
Jeremiah krijgt ook niet veel hulp (wij dus ook niet) :
ones-being-shepherds many-ones they-ruined vineyard-of·me they-trampled
portion-of·me they-gave portion-of coveted-of·me to·wilderness-of desolation
he-places·her to·desolation she-mourns on·me desolation she-is-desolate all-of
the·land that there-is-no man placing on heart
Many pastors have destroyed my vineyard, they have trodden my portion under foot,
they have made my pleasant portion a desolate wilderness. They have made it desolate,
[and being] desolate it mourneth unto me; the whole land is made desolate,
because no man layeth [it] to heart.
line ,
“the many – shepherds [=‘christian leaders’] – (keep on) ruining – my vineyard [=’eden’] / ,
they (keep on) trampling – my share / ,
they (keep on) placing – my – desired – share – to (be) – the desolated – wilderness [‘north’] / ;
(being) placed – to desolation / she mourns – on=to me – (as) the desolation [=’no-name’] / ,
the whole – [eden-] land – is a desolation / :
that=but – there-is-no / one [=‘believers’] – placing [it] – on=to – heart / ;
Vele herders hebben Mijn wijngaard te gronde gericht, zij hebben Mijn land vertrapt,
Mijn begerenswaardig stuk land gemaakt tot een woeste wildernis .
Men heeft er een woestenij van gemaakt, verwoest treurt het voor Mij ,
heel het land is verwoest, omdat niemand het ter harte neemt .

“de vele herders [‘christelijke leiders’] blijven mijn wijngaard [=’eden’] ruïneren ,
zij blijven mijn land vertrappen ,
zij blijven mijn begerenswaardig deel plaatsen tot de desolate wildernis [‘noord’] ;
tot desolaatheid geplaatst , treurt zij tegen mij als de desolaatheid [=’geen-naam’] ,
heel het [eden-] land is desolaat : maar er-is niemand [=’gelovigen’] die het ter harte neemt ;

 
12-13
het soort legale verklaren dat wij moeten doen (= al doen) :
on all-of ridges in·the·wilderness they-came ones-devastating that sword to·ieue
one-devouring from·end-of land and·unto end-of the·land there-is-no peace for·all-of
flesh they-sowed wheats and·thorns they-reaped they-travail not they-are-benefitting
and·be-ashamed-you ! from·incomes-of·you from·heat-of anger-of ieue
The spoilers are come upon all high places through the wilderness: for the sword of
the LORD shall devour from the [one] end of the land even to the [other] end of the land:
no flesh shall have peace. They have sown wheat, but shall reap thorns:
they have put themselves to pain, [but] shall not profit:
and they shall be ashamed of your revenues because of the fierce anger of the LORD.

  • context : the type legal declaring we should do (=do already) :
    syntax requires a (missing or deleted) term ,
    we chose [fear you!] but other options are possible ;

line,
“the ones devastating [=‘spirits’] – came – upon – the whole – ridge – in=at the wilderness / ,
that=but – the sword – to=of IEUE – (will) devour – from the [one] end of the land +
unto – the [other] end of – the land / ,
there-(will be)-no – [eden-] peace – for any – flesh [=’as spirits , here’] / ;
they sowed – wheat / and=but – they (will) reap – thorns / ,
they brought forth [things] – [but] (will) not – profit [from them] / :
be ashamed you ! [=’spirits’] / from=about your unjust gain / ,
[+and fear you ! (?) ] / the burning – anger [nostril] of / IEUE / ;
Op alle kale hoogten in de woestijn zijn verwoesters gekomen , want het zwaard van de Heer verslindt van het ene einde van het land tot het andere eind van het land .
Er is voor geen enkel vlees vrede. Zij hebben tarwe gezaaid, maar dorens geoogst .
Zij hebben zich pijn gedaan, maar hebben er geen voordeel van gehad .
Schaam u over uw opbrengsten, vanwege de brandende toorn van de Heer.

“de verwoesters [=’geesten’] zijn op de hele kale hoog van de wildernis [‘noorden’] gekomen ,
maar het zwaard van IEUE zal van het ene einde van het land tot het andere verslinden ,
er zal voor geen enkel vlees vrede zijn        [=’van geesten’, hier] ;
zij hebben tarwe gezaaid maar zullen dorens oogsten ,
zij hebben [dingen] voortgebracht maar hebben er geen voordeel van hebben :
schaam u over uw onterecht verkregen profijt ,
[+en vrees ! (?)] de brandende toorn van IEUE ;

 
part III — deel III

 
14-15
Jeremiah vertelt nu wat God hem antwoordde , na alle voorgaande :
thus he-says ieue on all-of neighbors-of·me the·evil-one the·ones-touching
in·the·allotment which I-allotted people-of·me ishral behold·me ! plucking-up-of·them
from·on ground-of·them and house-of Judah I-shall-pluck-up from·midst-of·them
and·he-becomes after to-pluck-up-of·me them I-shall-return and·I-have-compassion-on·them
and·I-restore·them man to·allotment-of·him and·man to·land-of·him
Thus saith the LORD against all mine evil neighbours, that touch the inheritance which
I have caused my people Israel to inherit; Behold, I will pluck them out of their land,
and pluck out the house of Judah from among them. And it shall come to pass,
after that I have plucked them out I will return, and have compassion on them,
and will bring them again, every man to his heritage, and every man to his land.

  • context : Jeremiah now tells what God answered – after all the previous :
    context *must* remain about all the sons : compare first lines which were
    about “sanctifying them” ;
    ‘evil’ inserted by Esau : because of the (unusual) use of ‘draw out, pluck up’,
    easily interpreted as Negative – but is not the case here ;
    hence it was not so difficult for him to insert ‘evil’ ;
    TOUCHING the heritage : exactly the inverse of what Eve did ‘by touching’ ;
    see Introduction IV where we expected that is why God wrote so extensive
    (through the prophets) about eden – for us to can ‘touch it again’ ;

line ,
“thus / (he,) IEUE – says / on=about – all – my – fellowmen [=’the 144,000’] / ,
[who] (are) the ones touching (!) [s-w] – the heritage [=’eden-land’] +
which / (is) alloted (to) / the people – Ishral [=’all souls within Originals’] / :
behold me ! / drawing them – (out) from – their ground [=’this world’] , +
and=when – I shall pluck up – the Judah – house – from among them
       [=’Judah house = the eden-atmosphere now glued around this earth’] / ;
and it will happen (that) – after – I (will have) drawn – them – out / ,
I shall (restore?) [+them?] – and I (will) have compassion on them / ,
and I return – everyone – to their allotment / and=as everyone – to their [eden-] land / ;
Zo zegt de Heer : wat betreft al Mijn slechte buren die aan Mijn eigendom komen ,
dat Ik Mijn volk Israël in erfelijk bezit gegeven heb, zie, ik ga hen uit hun land wegrukken,
en het huis van Juda ruk ik uit hun midden weg . Maar nadat ik hun weggerukt heb,
zal het gebeuren dat ik zal terugkeren en mij over hen zal ontfermen.
Ik zal hen terugbrengen, eenieder naar zijn erfelijk bezit en eenieder naar zijn land .

“zo zegt IEUE over mijn naasten [=’144,000’] ,
die degenen zijn die het erfelijk bezit [=’eden-land’] aanraken (!) [s-manier’] , +
dat ik de mensen Ishral [=’alle zielen in Originelen’] in erfelijk bezit geef :
zie , ik ga hen van hun grond wegrukken [=’van deze wereld’] , +
wanneer ik het huis Juda uit hun midden weg zal rukken

       [=’huis Judah = de eden-atmosfeer nu geplakt op deze aarde’];
en het zal gebeuren dat ik hen weggerukt zal hebben ,
ik [hen] zal (restaureren) en mij over hen zal ontfermen ,
en ik breng ieder terug naar zijn erfelijk bezit , als ieder terug naar zijn [eden-] land ;

 
16-17
…. maar er is éen conditie :
and·he-becomes if to-learn they-are-learning ways-of people-of·me to·to-swear-of
in·name-of·me life-of ieue as·which they-taught people-of·me to·to-swear-of in·the·Baal
and·they-are-built in·midst-of people-of·me and·if not they-are-listening and·I-pluck-up
the·nation the·he to-pluck-up and·to-destroy averment-of ieue
And it shall come to pass, if they will diligently learn the ways of my people,
to swear by my name, The LORD liveth; as they taught my people to swear by Baal;
then shall they be built in the midst of my people.
But if they will not obey, I will utterly pluck up and destroy that nation, saith the Lord.
context : there is however óne condition :
learn what happened to the Originals : ‘course of life’ as valid colour of used root ;
Originals swore to Baal ? : unknown territory for us ,
but considered the juxtaposition something like that may have been going on ;
the CORE of my people : remember how just ago Jeremiah wrote “how the predator
(=this body of us) surrounds the soul” ;
line,
“and that (will) happen [=’the return of every saved-soul to eden’] +
if=when – they (will) seriously start to learn – the course of life of – my people [‘Originals’] / ,
to=and to swear [it] [it’s truth] – in my name / , IEUE – (being) the [eden-] life / ,
as which – my people – (were) taught [=‘by them spirits’]– to swear [it] – in=to Báal
       [=’behemoth-realm’] / ;
and=then they [=’all saved-souls’] (will be) re-established +
in=as the CORE of – my people          [=’Originals’] / ;

and=but – if=when – they [=’we’] (will) – nót – hearken / ,
and=then I (will) pluck up – this – nation         [=’every single ad-soul , as family , on earth’] / ,
plucking [it] up – (in order) and=for to perish         [=’as opposed to positive previous line 14-15’] / ,
(is) the declaration of – IEUE / .
En het zal gebeuren, wanneer zij werkelijk de wegen van mijn volk zullen leren ,
zodat zij bij mijn naam zweren : zo waar de Heer leeft –
zoals zij mijn volk geleerd hebben te zweren bij de Baäl –
dan zullen zij temidden van mijn volk gebouwd worden .
Maar als zij niet willen luisteren, zal ik dat volk voorgoed wegrukken en ombrengen ,
spreekt de Heer .

“en dat zal gebeuren [=’de terugkeer van iedere geredde ziel naar eden’] +
wanneer zij werkelijk de wegen van mijn mensen [=’Originelen’] willen gaan leren ,
en het [‘die waarheid’] bij mijn naam zullen zweren , IEUE die het [eden-] leven is ,
zoals zij [=’de geesten’] mijn mensen geleerd hebben te zweren tot de Baäl
     [=’behemoth-dimensie’] ;
dan zullen zij [=’alle geredde zielen’] opgebouwd worden +
als het CENTRUM van mijn mensen      [=’Originelen’] ;
maar als zij [=’wij’] niét willen luisteren ,
zal ik dit volk uitrukken
      [=’iedere adam-ziel , als familie , op deze aarde’] ,
het uitrukken om te worden vernietigd
      [=’hier tegengesteld aan positieve zin 14-15’] ,
is de verklaring van IEUE .

 


 
19.09.19 — submitted — first version — hetreport