Jer.43 : de dubbele profetie :
Judah’s vlucht naar Egypte
wordt gelinkt aan Openbaring
(de stenen die Jeremiah verborg
gevonden door Flinders Petrie!)
(eindtijd – goed leesbaar)

[2020]

 

  chapter context :
continued – but new theme :
two Timelines are in play now –
the Jerusalem-group who went in exile ,
and here the remnant of Judah who is scared
and decided to flee to Egypt
(in spite God told them (in 42) to nót do that) ;
in these chapters ,
the remnant of Judah will represent the souls
who live on earth in the éndtime (Revelation) ;
part II :
(seems messy but is because of much information)
as the double prophecy ,
linking the remnant Judah to the endtime ;
(the gemstones which Jeremiah hid at the palace
were found by Flinders Petrie in his excavations ! ,
see photos in annex) ;

note : very readable , first version and
definitive , slightly corrupted

 

Hoofdstuk context :
… vervolg – maar met een nieuw thema :
twee tijdslijnen spelen nu – de Jerusalem-groep die in ballingschap is gegaan ,
en hier het overblijfsel van Judah dat bang is en naar Egypte wil vluchten
(hoewel God in 42 hen gezegd heeft dat niét te doen – of zij zullen sterven) ;
in deze hoofdstukken
zal het overblijfsel van Judah de zielen representeren in de éindtijd (Openbaring) ;
deel II :
(lijkt wat rommelig maar dat is vanwege de vele informatie)
als de dubbele profetie , die het overblijfsel van Judah linkt aan de eindtijd ;
(de edelstenen die Jeremiah verborg bij de tempel van pharaoh Apries
zijn gevonden door Flinders Petrie ! , zie foto’s in annex) ;

 
opmerking :
goed leesbaar ; als eerste en tegelijkertijd definitieve versie ;
licht gecorrumpeerd hoofdstuk
 
opzet van de verzen :

  • – Engels volgens Westminster codex
  • – Engelse vertaling van eerstgenoemde
  • – Eventuele begrippen en context van zin
  • – Onze vertaling en context ; uitgebreider
    noten Akk. Sanskrit, glyphs, zie hoofdsite
  • – Nederlandse vertaling , meestal woordelijk
    overgenomen van herzienestatenvertaling nl ,
    vanwege leesbaarheid hoofdletters opgeofferd
  • – Nederlandse vertaling in context van het Report

Alles samen om een zo goed mogelijke woordkleur te vinden ;
context tussen hoekige […] , syntax tussen ronde (….) geplaatst

Jeremia 43

1-2-3
vervolg (maar nieuw thema) : … het overblijfsel van Judah wil vluchten naar Egypte :
and·he-is-becoming as·to-finish-of Jeremiah to·to-speak-of to all-of the·people
all-of words-of ieue Elohim-of·them which he-sent·him ieue Elohim-of·them to·them
all-of the·words the·these and·he-is-saying Azariah son-of Hoshaiah and·Johanan son-of
Kareah and·all-of the·mortals the·arrogant-ones ones-saying to Jeremiah falsehood you
speaking not he-sent·you ieue Elohim-of·us to·to-say-of not you-shall-enter Egypt
to·to-sojourn-of there that Baruch son-of Neriah inciting you in·us so-that to-give-of
us in·hand-of the·Chaldeans to·to-cput-to-death-of us and·to·to-deport-of us Babylon
And it came to pass, [that] when Jeremiah had made an end of speaking unto all the people
all the words of the LORD their God, for which the LORD their God had sent him to them,
[even] all these words, Then spake Azariah the son of Hoshaiah, and Johanan the son of Kareah,
and all the proud men, saying unto Jeremiah, Thou speakest falsely: the LORD our God
hath not sent thee to say, Go not into Egypt to sojourn there: But Baruch the son of Neriah
setteth thee on against us, for to deliver us into the hand of the Chaldeans, that they might
put us to death, and carry us away captives into Babylon.
‘setteth on’ , H5496 suth ‘entice, mislead, persuade, set up (against)’ ;

  • context : continued (but new theme) : … the remnant of Judah wants to flee to Egypt :

line ,

  • [=’previous chapters 32-42 were about several events in 500 BC :
    Jerusalem has fallen and the exile started , but the captain of Nebuchadnessar’s bodyguard
    has set Jeremiah free (and gave him ‘a reward’) ; while the captain appointed a man in Judah
    to be the temporary governor over the citizens who remained in the land Judah  —
    but those are still afraid for Nebuchadnessar’s army and want to flee to Egypt
    (eventhough in previous 42 God says “don’t  – or you will all die there”) ;
    line :]

“and (it) happened – as=when Jeremiah – (had) finished – speaking [in right direction]       +
to – the people – all – the words [in right direction] of – IEUE – their deity ,
[+as] all – these – words [in right direction] – which – IEUE – their deity – sent to them ,     + 

 
and=that Azariah – the son of – Hoshaiah ,
and Johanan – the son of – Kareah , and all – the arrogant – men , say – to – Jeremiah :
you – (are) – speaking [in right direction] – falsehood ! [=’inversion’] ,
IEUE – our deity – (has) not – sent you – to=for to say :
you (must) not – enter – Egypt – to=for to sojourn – there ;  

 

  • [=’below line : Baruch is the assistant of Jeremiah ,
    they need a scapegoat to can justify their own desire to flee ;
    line :]

that=surely (it was) – Baruch – the son of – Neriah – (has) set – you (up) – in=against us ,
so that – [=we] – (would be) given – into the hand of – the Chaldeans ,      +
(who would have) put us to death , [=or] – (would have) deported [+us] – [=to] – Babylon ;

(De vlucht naar Egypte)
Het gebeurde zodra Jeremia geëindigd had tot heel het volk te spreken alle woorden
van de Heer, hun God, waarmee de Heer, hun God, hem naar hen toe had gezonden,
al die woorden, dat Azaria, de zoon van Hosaja, en Johanan, de zoon van Kareah,
en al die hoogmoedige mannen, tegen Jeremia zeiden : u spreekt leugens !
de Heer, onze God, heeft u niet gezonden om te zeggen : u mag Egypte niet binnengaan
om daar als vreemdeling te verblijven. Baruch echter, de zoon van Neria, hitst u tegen ons op,
opdat hij ons in de hand van de Chaldeeën geeft om ons ter dood te brengen
of ons in ballingschap te voeren naar Babel .

  • [=’vorige hoofdstukken 32-42 behandelden verschillende gebeurtenissen in 500 BC :
    Jerusalem is gevallen en de ballingschap is begonnen , maar de kapitein van Nebuchadnessar’s
    lijfwacht heeft Jeremiah vrijgelaten (en ‘een beloning’ gegeven) ; terwijl de kapitein een man
    in Judah tot ‘voorlopige gouverneur’ heeft gemaakt over de bevolking die in Judah gebleven is –
    maar die zijn nog steeds bang voor Nebuchadnessar’s leger en willen naar Egypte vluchten
    (hoewel God in 42 zegt “niet doen – of u zult daar allen sterven”) ;
    zin :]

“en het gebeurde [=toen] Jeremiah het spreken [in goede richting]       +
van al deze woorden [in goede richting] van IEUE tot de mensen had beëindigd ,
[+als] alle woorden [in goede richting] die IEUE tot hen had gezonden ,

 
[=dat] Azariah de zoon van Hoshaiah ,
en Johanan de zoon van Kareah , en alle arrogante mannen , tot Jeremiah zeggen :
u spreekt [in goede richting] leugens ! [=’inversie’] ,
IEUE onze godheid heeft u niet gezonden [=om] te zeggen :
u moet niet naar Egypte gaan [=om] daar als vreemdeling te verblijven ;

 

  • [=’zin beneden : Baruch is de assistent van Jeremiah ,
    zij hebben een zondebok nodig om hun verlangen om te vluchten te rechtvaardigen ;
    zin :]

(het was) zeker Baruch de zoon van Neria die u tegen ons heeft opgehitst ,
zodat wij in de hand van de Chaldeeën gegeven zouden worden ,
die ons zouden hebben gedood , [=of] [+ons] [=naar] Babylon zouden hebben gedeporteerd ;

 
4-5
… maar het overblijfsel gaat alsnog op weg naar Egypte :
and·not he-listened Johanan son-of Kareah and·all-of chiefs-of the·armies
and·all-of the·people in·voice-of ieue to·to-dwell-of in·land-of Judah and·he-is-taking
Johanan son-of Kareah and·all-of chiefs-of the·armies all-of remnant-of Judah who
they-returned from·all-of the·nations which they-were-expelled there to·to-sojourn-of
in·land-of Judah
So Johanan the son of Kareah, and all the captains of the forces, and all the people,
obeyed not the voice of the LORD, to dwell in the land of Judah. But Johanan the son of Kareah,
and all the captains of the forces, took all the remnant of Judah, that were returned
from all nations, whither they had been driven, to dwell in the land of Judah.

  • context : … but the remnant anyway goes on its way to Egypt :

line ,
and=because – Johanan – son of – Kareah ,       +
and all – the leaders of – the armed men , and=as (well as) – all – the people ,     +
(did) not – [want to-] listen – in=to the voice of – IEUE ,
to=for [+them] (..to remain..) – in the land of – Judah ;

 
and=so Johanan – son of – Kareah , and all – the leaders of – the armed men ,     +
took – the whole – remnant of – Judah ,
(as the people) who – (had) returned [-to Judah] – from all the – [neighbouring-] lands      +
which – they (had been) driven to ,
to=for to sojourn – in the land of – [=Egypt] ;      

Johanan, de zoon van Kareah, alle bevelhebbers van de legers en heel het volk
hebben niet geluisterd naar de stem van de Heer om in het land Juda te blijven.
Johanan, de zoon van Kareah, en alle bevelhebbers van de legers namen heel het overblijfsel
van Juda mee, hen die waren teruggekeerd uit alle heidenvolken waarheen zij verdreven waren,
om weer in het land Juda te verblijven :

“[=omdat] Johanan de zoon van Kareah ,       +
en alle leiders van de gewapende mannen , [=als] (ook) alle mensen ,     +
niet [wilden-] luisteren [=naar] de stem van IEUE ,
[=dat] [+zij] in het land Judah (moesten) (..blijven..) ;

 
[=dus] Johanan de zoon van Kareah , en alle leiders van de gewapende mannen ,      +
namen heel het overblijfsel van Judah mee ,
(als de mensen) die teruggekeerd waren [-naar Judah] [=uit] al de [buur-] landen       +
waarheen zij verdreven waren ,
[=om] in het land [=Egypte] als vreemdeling te verblijven ;     

 
6-7
… en zij bereiken Tahpanhes (=Memphis) :                                (introductie dubbele profetie)
the·masters and the·women and the·tot and daughters-of the·king and
every-of the·soul whom he-left Nebuzaradan grandee-of executioners with
Gedaliah son-of Ahikam son-of Shaphan and Jeremiah the·prophet and Baruch
son-of Neriah and·they-are-entering land-of Egypt that not they-listened in·voice-of
ieue and·they-are-coming as-far-as Tahpanhes
[Even] men, and women, and children, and the king’s daughters, and every person that
Nebuzaradan the captain of the guard had left with Gedaliah the son of Ahikam the son of
Shaphan, and Jeremiah the prophet, and Baruch the son of Neriah. So they came into the land
of Egypt: for they obeyed not the voice of the LORD: thus came they [even] to Tahpanhes.

  • context : … and they reach Tahpanhes (=Memphis) :             (introduction double prophecy)

line ,

  • [=’there are two timelines in play here :
    first the exile of the Jerusalem-group to Babylon , which was linked to the endtime
    because of the “70 years” (see Jeremiah 25) ;
    but this remnant of Judah represents “the people in the first half of Revelation” ;
    line :]

“(..+as all..) the (..men..) – and – the women – and – children ,      +
and – the daughters of – the king ;
[=as] – each – soul – whom – Nebuzaradan – captain of – the bodyguard [-of Nebuchadnessar]     +
had left – (with) Gedaliah [=’that appointed gouvernor’] – son of – Ahikam , the son of – Shaphan ;
(..together..) and=with Jeremiah – and Baruch – the son of – Neriah ;

 
and they enter – the land of – Egypt ,     +
that=because – they [=’the people’] (did) – not – [want to-] listen – in=to the voice of – IEUE ,
and they (are) coming – as far as – Tahpanhes ;

de mannen, de vrouwen en de kleine kinderen, de dochters van de koning, en alle personen
die Nebuzaradan, de bevelhebber van de lijfwacht, bij Gedalia, de zoon van Ahikam,
de zoon van Safam, achtergelaten had, evenals de profeet Jeremia en Baruch, de zoon van Neria.
Toen kwamen zij het land Egypte binnen, want zij hadden niet naar de stem van de Heer
geluisterd. En zij kwamen tot aan Tachpanhes .

  • [=’er spelen twee tijdslijnen hier :
    eerst de ballingschap van de Jeruzalem-groep , die werd gelinkt naar de eindtijd
    vanwege “de 70 jaar” (zie Jeremiah 25) ;
    maar dit Judah-overblijfsel vertegenwoordigt “de mensen in de eerste helft van Openbaring” ;
    zin :]

“(..+ als alle..) (..mannen..) en vrouwen en kinderen ,      +
en de dochters van de koning ;
[=als] iedere ziel die Nebuzaradan de kapitein van de lijfwacht [-van Nebuchadnessar]       +
(bij) Gedaliah [=’die gouverneur’] de zoon van Ahikam , de zoon van Shaphan , had gelaten ;
(..samen..) [=met] Jeremiah en Baruch de zoon van Neriah ;

 
en zij gaan het land Egypte binnen ,      +
[=omdat] zij [=’de mensen’] niet [wilden-] luisteren [=naar] de stem van IEUE ,
en zij komen zover als Tahpanhes ;
 

 
part II   —   deel II

 
8-9-10
… de dubbele profetie : eerst de koning van Babel (rond 500 BC) naar Egypte :
and·he-is-becoming word-of ieue to Jeremiah in·Tahpanhes to·to-say-of
take-you ! in·hand-of·you stones great-ones and·you-bury·them in·clay-flooring
in·the·brickwork which in·portal-of house-of Pharaoh in·Tahpanhes to·eyes-of mortals
Jews and·you-say to·them thus he-says ieue-of hosts Elohim-of ishral behold·me ! sending
and·I-take Nebuchadrezzar king-of Babylon servant-of·me and·I-place throne-of·him
from·above to·the·stones the·these which I-buried and·he-stretches-out state-tapestry-of·him
one-being-seemly-of·him over·them
Then came the word of the LORD unto Jeremiah in Tahpanhes, saying, Take great stones
in thine hand, and hide them in the clay in the brickkiln, which [is] at the entry of Pharaoh’s house
in Tahpanhes, in the sight of the men of Judah; And say unto them, Thus saith the LORD of hosts,
the God of Israel; Behold, I will send and take Nebuchadrezzar the king of Babylon, my servant,
and will set his throne upon these stones that I have hid; and he shall spread
his royal pavilion over them.
‘great’, H1490 gadol ‘great (main meaning), impressive’ ; -gadal ‘great, magnificent’ ;
‘brickkiln’ , 4404 malben ‘brickkiln  , (brick wall, Nah.3)’ 3x ;
‘pavilion’ , H8237 shaphrur ‘perhaps canopy, pavillion’ 1x ; 8231 -shaphar ‘beautiful’ 1x ;

  • context : … the double prophecy : first the king of Babylon (500 BC) to Egypt :
    … tricky section ;
    Sumerian Ninghiszidda : 
    … to right a depiction of Sumerian Ninghiszidda
    which is the equivalent of Thoth (see line 11-13) ;
    curious serpents ascend from his shoulders
    where we can interpret the latter as “both stones”,
    which provide two different type…’energies’ ;
    in this example his ‘head’ is ‘Mystery-Babylon’
    as the region dwelling just above both stones
    (see line 13 ‘the house of the sun’) ;
    akin to a DC motor concept (?) :

    (pinterest)
  • …compare how both magnets make the rotor to spin – and that is exact what their
    dimension is doing – to revolve ; here the ‘two stones’ can function like both magnets ;
    … we are forced to grasp something because also (the difficult) Jer. 46 will be this theme ;  

line ,

  • [=’see annex for the photos of the two gemstones which Flinders Petrie found ;
    perhaps Nebuchadnessar’s lieutenant gave both stones to Jeremiah “as reward” ;
    line :]

and=then – the word [in right direction] of – IEUE – becomes – to – Jeremiah ,
saying :
take you – the (2) great [=’magnificent’][gem-] stones – in your (one) hand ,        
and bury [=’hide’] them – in the clay – [=at] the brick wall        +
which (is) – the entrance of – the house of – Pharaoh – in Tahpanhes [=’Memphis’] ,
to=before the eyes of – the men of – [=Judah] ;

 

  • [=’below : Jeremiah hid the tablets at the palace of pharaoh Necho , whose army
    Nebuchadnessar had previously defeated at Charchemish in 605 BC (see Jer. 46) ;
    a couple of years after hiding the stones as described here , Egypt became under threat
    of a revolution ; it is very possible that Nebuchadnessar went to Egypt to install his
    vassal-pharaoh Ahmose II : a fragment of a Babylonian tablet (now in the Britsh Museum)
    writes about “Nebuchadnessar’s campaign to Egypt in his 37th year” ;
    line :] 

and say – to them :
thus – says – IEUE , the deity of – [eden-] Ishral :
behold ! , I (will) bring – Nebuchadnessar – king of – Babylon (to here) ,            [=’569-8 BC’]
and [=he] (will) place – his throne – above – these – [gem-] stones – which – I (let to) bury ;

——————–

  • [=’above : this is a reference to  the dualistic Other Reality —
    in their matrix-realm , Mystery-Babylon “dwells above two stones” ,
    the one is Damascus – as the temple-fundament now north , the other the Horus-stone
    (=the concept of Mitra and Varuna in Rg-Veda , see index , and above depiction) :
    in fact , “God forces the king of Mýstery-Babylon to come to éarth” here (see 11-13) ;
    line :]

and=for he (will) stretch out – (..his throne canopy?..) – over them [=’two gemstones’] ;
Toen kwam het woord van de Heer tot Jeremia in Tachpanhes :
Neem de grote stenen in uw hand en verberg die in het leem onder de tegelvloer
die bij de ingang van het huis van de farao in Tachpanhes ligt , voor de ogen van
de Judese mannen, en zeg tegen hen : zo zegt de Heer van de legermachten, de God van Israël :
zie, ik ga een boodschap zenden en zal Nebukadrezar, de koning van Babel, mijn dienaar, halen.
Ik zal zijn troon boven op deze stenen zetten die ik verborgen heb, en daarover zal hij
zijn statietent spannen .

  • [=’zie annex voor de twee foto’s van de stenen die Flinders Petrie vond ;
    wellicht heeft Nebuchadnessar’s luitenant de stenen aan Jeremiah gegeven ‘als de beloning’ ;
    zin :

“[=dan] komt het woord [in goede richting] van IEUE tot Jeremiah ,
zeggend :
neem de (2) grote [=’prachtige’] [edel-] stenen in uw (ene) hand ,
en begraaf [=’verberg’] die in de klei [=van] de stenen muur      +
die de ingang is van het huis van Pharaoh in Tahpanhes [=’Memphis’] ,
[=voor] de ogen van de mannen van [=Judah] ;

  • [=’beneden : Jeremiah verborg de tabletten bij het paleis van pharaoh Necho , wiens leger
    Nebuchadnessar daarvoor verslagen had in Carchemish in 605 BC (zie Jer. 46) ;
    een aantal jaar na het verbergen van de stenen begon een revolutie in Egypte –
    het is wel mogelijk dat Nebuchadnessar naar Egypte trok om zijn vazal-pharaoh
    Ahmose II te installeren : een fragment van een Babylonisch tablet (nu in Brits Museum)
    vertelt over “Nebuchadnessar’s campagne tegen Egypte in zijn 37ste jaar” ;
    zin :]

en zeg tegen hen :
zo zegt IEUE , de godheid van [Eden-] Ishral :
zie ! , ik zal Nebuchadnessar koning van Babylon (hiernaartoe) brengen ,              [=’569-8 BC’]
en [hij] zal zijn troon boven deze [edel-] stenen zetten die ik begraaf ;           [=’laat begraven’]    

———————–

  • [=’boven : dit is een referentie naar de dualistische Andere Werkelijkheid —
    in hun matrix-dimensie , bevindt Mystery-Babylon zich “boven beide stenen” ,
    de ene als Damascus – als het tempel-fundament nu in het noorden , de andere als Horus-steen
    (=het concept van Mitra en Varuna in Rg-Veda , zie index ; en zie afbeelding + Engels boven) :
    in feite “dwingt God hier de koning van Mystery-Babylon om naar deze aarde te gaan” (11-13)
    zin :]

[=want] hij zal zijn (..statietent?..) over hen [=’de edelstenen’] uitspannen ;

 
11-12-13
slot : … nu als de koning van Mýstery-Babylon , naar deze aarde komend :
and·he-comes and·he-smites land-of Egypt whom for·the·death to·the·death
and·whom for·the·captivity to·the·captvity and·whom for·the·sword to·the·sword
and·I-ravage fire in·houses-of Elohim-of Egypt and·he-burns·them and·he-captures·them
and·he-muffles land-of Egypt as·which he-is-muffling the·one-being-shepherd cloak-of·him
and·he-goes-forth from·there in·peace and·he-breaks-down monuments-of House-of~sun
which in·land-of Egypt and houses-of Elohim-of Egypt he-shall-burn in·the·fire
And when he cometh, he shall smite the land of Egypt, [and deliver] such [as are] for death
to death; and such [as are] for captivity to captivity; and such [as are] for the sword to the sword.
And I will kindle a fire in the houses of the gods of Egypt; and he shall burn them, and carry them
away captives: and he shall array himself with the land of Egypt, as a shepherd putteth on

his garment; and he shall go forth from thence in peace. He shall break also the images
of Bethshemesh, that [is] in the land of Egypt; and the houses of the gods of the Egyptians
shall he burn with fire.
‘putteth on’ , H5844 atah ‘to cover, to enwrap’ (‘you’ or ‘time’ cluster -oth?) ;
‘images’ , H4676 matstsebah ‘pillar (obelisk, stump)’; -natsab ‘standing, erected, to station’ ;

  • context : closing: … now as the king of Mýstery-Babylon , coming against earth :

line ,
and=for he (will) come ,                                           [=’the spirit-armies to earth , in the endtime’]
and (will) smite – the land [=’earth’] :                                                      
(..the people..) – who – (will be) (destined) for death – to death ,                [=’see Jeremiah 15’]
and who – (will be) (destined) for captivity – to the captivity ,
and who (will be) (destined) – for the sword – to the sword ;

 
[=he] (will) kindle – fire – in the houses of – (..my people..) – (in) (..the land..) [=’earth’] ,
and=for he (will) burn them [=’houses’] (down) ,     +
and take them [=’souls’] captive ;

 
he (will) cover – the land [=’earth’]     +                                                             [=’with spirit-armies’]
[=like] – a covering – (..evil..) (rea=ra) – veil ,                                               [=’see previous line 10’]
and – the peace – (will have) gone forth – [=out of] there [=’from earth’] :          +

 
and=when [=I] (will) break down – the (..stationed..) – [house of-] the sun [=’as Rã ; this one’] ,
which (is) – [at Tahpanhes-] in the land of – [matrix-] Egypt [=’north of eden’] ,       +
 

  • [=’above : all the expressions are about ‘the endtime’ :
    not just the “who is for death , to death”, but also “the peace will leave”
    (in several chapters as theme “they say it will be peace but there will-be-no peace”) ;
    while “the sun will go dark when I will break the bar of Egypt in Tahpanhes” (glyph TEFNT)
    refers to ‘the house of the sun’ ;
    line :]

[=for] [=I] (will) burn (down) – the divine – house of – [matrix-] Egypt – with fire .
Hij zal komen en het land Egypte treffen : wie bestemd is voor de dood, met de dood ;
wie bestemd is voor de gevangenschap, met de gevangenschap ; wie bestemd is voor het zwaard,
met het zwaard. Ik zal een vuur aansteken in de tempels van de goden van Egypte
en hij zal hen verbranden en als gevangene wegvoeren. Hij zal het land Egypte van luizen ontdoen
zoals een herder zijn kleed van luizen ontdoet, en dan zal hij vandaar in vrede wegtrekken.
Hij zal de gewijde stenen van de zonnetempel, die in het land Egypte staan, stukbreken,
en hij zal de tempels van de goden van Egypte met vuur verbranden .

“[=want] hij zal komen ,                                           [=’geesten-legers naar de aarde, in de eindtijd’]
en hij zal het land [=’deze aarde’] treffen :
(..de mensen..) die (bestemd zijn) voor de dood , naar de dood ,                     [=’zie Jeremiah 15’]
en wie (bestemd is) voor gevangenschap , in de gevangenschap ,
en wie (bestemd is) voor het zwaard , naar het zwaard ;

 
[=hij] zal vuur ontsteken in de huizen van (..mijn mensen..) (in) (..het land..) [=’deze aarde’] ,
[=want] hij zal hen [=’huizen’] platbranden ,       +
en hen [=’zielen’] gevangen nemen ;

 
hij zal het land [=’aarde’] bedekken ,                                                               [=’met geesten-legers’]
[=als] een bedekkend boosaardig gordijn ,                                                          [=’zie vorige zin 10’]
en de vrede zal van daar [=’van de aarde’] weggegaan zijn :        +

 
[=wanneer] [=ik] het (..gestationeerde..) huis van de zon [=’Rã, onze zon’] zal afbreken ,
dat [in Tahpanhes-] in het [matrix-] land Egypte is [=’ten noorden van eden’] ,       +

 

  • [=’boven : allemaal termen gerelateerd aan de eindtijd ; vergelijk ook
    het “ik zal de grendel van Egypte breken die in Tahpanhes is” , en zie Engels ;
    zin :]

[=want] ik zal de tempel van het goddelijke huis van Egypte platbranden .

 


26.06june.2020   —   submitted as first version , and definitive    —   het-report series
 
 
annex :
 

(both images : British Museum)

 
above :
both crystal gems which Petrie found 
one of red Jasper , the other as (blue-) white crystal ;
… we knów this theme is linked to “the red and blue eye of Horus” , per spells ,
but our priority is to first make definitive as many prophet-chapters as possible ;
 

(credit in link)
 
above : plan of pharah Apries’ built temple ,
near the highest point of the ramp both stones were found in the ditch ;
the temple was situated at a 30 acre location NW of Memphis ,
which appears to have been a kind of ‘square for parading armies’ etc ;
 
credit where credit is due –
see link about the story how a man traced back both stones :
truechristianstoriesfreebygmmatheny   com
and click ‘the quest for the stones of the prophet Jeremiah’