chapter context :
bit difficult chapter ;
theme is “their Nile” as the dragon’s river ,
here named as “the virgin Egypt” ;
she is “an illegal extension (as Nile)”
of “the virgin Ishral”, the Gilead hill
(see posted Amos chapters) ;
but the virgin Egypt will fall down ;

 

hoofdstuk context :
.. de Nijl is de afgesplitste rivier welke de draak maakte voor zichzelf ,
stromend van de eden-heuvel (Gilead) naar hun noorden .
In Amos was “de maagd Ishral” het vrouwelijke-construct ‘in’ de Gilead heuvel ,
maar die heuvel is door hen ‘opengebroken’ ,
en zij hebben de Nijl “in de opengebroken heuvel gestoken” ,
zodat de Nijl nu de eden-wateren (om mee te scheppen) naar hun noorden transporteert ;
de Nijl wordt daarom “maagd van Egypte” genoemd , als tegenstelling tot de maagd Ishral.

 

… let op : Nebuchadnessar is Egypte nooit binnengevallen –
dat betekent dat het tweede gedeelte van dit hoofdstuk NIET gaat over 500 v. Christus ,
maar het handelt over volstrekt overstijgende attributen : over de Nijl ;

 

 
opzet van de verzen :

  • – Engels volgens Westminster codex
  • – Engelse vertaling van eerstgenoemde
  • – Eventuele begrippen en context van zin
  • – Onze vertaling en context ; uitgebreider
    noten Akk. Sanskrit, glyphs, zie hoofdsite
  • – Nederlandse vertaling , meestal woordelijk
    overgenomen van herzienestatenvertaling nl ,
    vanwege leesbaarheid hoofdletters opgeofferd
  • – Nederlandse vertaling in context van het Report

Alles samen om een zo goed mogelijke woordkleur te vinden ;
context tussen hoekige […] , syntax tussen ronde (….) geplaatst

 

Jer. 46

 

1-2
juxtapositie van twee gebeurtenissen : de eerste op deze aarde :
which he-became word-of ieue to Jeremiah the·prophet on the·nations to·Egypt
on army-of Pharaoh Neco king-of Egypt which he-became on stream-of Euphrates
in·Carchemish which he-smote Nebuchadrezzar king-of Babylon in·year-of the·fourth
to·Jehoiakim son-of Josiah king-of ieude
The word of the LORD which came to Jeremiah the prophet against the Gentiles;
Against Egypt, against the army of Pharaohnecho king of Egypt, which was by
the river Euphrates in Carchemish, which Nebuchadrezzar king of Babylon smote
in the fourth year of Jehoiakim the son of Josiah king of Judah
‘pharaohnecho’ , H6549 pharoh-neko ; glyph NEK ‘copulate’ or NUK ‘I’ or N-KA ,

  • context : main theme : juxtaposition of two events , in this chapter :
    the first half of the chapter refers to a battle which indeed happened (on this earth) ,
    but this battle is juxtaposed to a battle which will happen still (in the north above eden) ;
    we had a chapter with similar theme – how “the literal king of Babylon battled Tyre
    but got no spoil” – so the fallen angel , also as king of Babylon , was promised spoil
    (yet by destroying his own fields in the north) ; 
  • Necho : from the XXVI dynasty , to right ;
    within the cartouche it writes NEKAU ,
    “the (eden-) word. to double. [for] existence”,
    which is a Hint to the theme of this chapter ;
    Abydos and Euphrates : see Jer.48 (to post) ,
    Abydos as “the entrance to Moab”
    (as red cube in diagram at top of page) ,
    as another clue to what region this is about ;
    Euphrates as “dimensional-border”,
    compare the 200 million kings who will cross ,

rpt
  • it’s possible “as locusts” – since locusts return in this chapter as theme;
    Josiah : used also as “all candidates for the 144,000” , but here likely as coincidence ;

line ,
“the word [in right direction] of – IEUE ,   +
which / became / (to) Jeremiah / the prophet / , on=over / the nations / ;
to Egypt / , concerning / the army of / pharaoh / Neco [‘doubled eden-word’] / king of / Egypt / ,
which / was / in Karkemish [=’Abydos’] / on=at / the river / Euphrates  [‘dimensional-border’] / ,
which / [the literal-]  Nebuchadnessar – king of – Babylon – (is) smiting [and winning] / ,
in – the fourth – year of – Jehoiakim / the son of / Josiah / king of / Judah / ;
(Profetie over Egypte)
Het woord van de Heer dat tot de profeet Jeremia kwam tegen de heidenvolken .
Over Egypte. Tegen het leger van farao Necho, de koning van Egypte ,
dat zich aan de rivier de Eufraat bij Karchemis bevond ,
dat Nebukadrezar, de koning van Babel, in het vierde regeringsjaar van Jojakim ,
de zoon van Josia, de koning van Israël , verslagen heeft .

“het woord [in goede richting] van IEUE ,  +
dat tot de profeet Jeremiah kwam over de volkeren ;
tegen Egypte , over het leger van Farao Necho [‘dubbel eden-woord’] , de koning van Egypte ,
dat zich aan de rivier de Eufraat  [‘dimensionele-grens’] bij Karchemis bevond      [=’Abydos’] ,
(het leger) dat door [de letterlijke-] Nebuchadnessar de koning van Babel verslagen wordt ,
in het vierde jaar van Jojakim , de zoon van Josiah , de koning van Ishral ;

 
3-4
array-you ! shield and·targe and·come-close-you ! for·the·battle hitch-you !
the·horses and·mount-up-you ! the·horsemen and·station-yourselves !
in·helmets scour-you ! the·lances put-on-you ! the·cuirasses
Order ye the buckler and shield, and draw near to battle.
Harness the horses; and get up, ye horsemen, and stand forth with [your] helmets;
furbish the spears, [and] put on the brigandines.
‘shield’, H6793 tsinn-ah , ‘hook’ related ; unclear root ;
context : not crucial for the line , but the (tsinnah) is unclear ;
line ,
[to the Egyptian army :]
“array you ! / the shield= / and (the great shield) / and come near [s-w] / for the battle / ;
bind up ! / the horses / and mount up / (you) horsemen / ,
and position yourselves / in=with helmets / , brand / the spears / and put on / the harnesses / ;
Maak het kleine en het grote schild gereed , bind de strijd aan, span de paarden in ,
Bestijg ze, ruiters , stel u op, met de helmen op, scherp de speren, trek de pantsers aan .

[tegen het leger van Egypte :]
“maak het schild en (het grote schild) gereed , en kom dichterbij [s-m] voor de strijd ;
span de paarden in en bestijg ze , ruiters ,
stel u op met de helmen op , scherp de speren , trek de pantsers aan ;

 
5-6
for-what-reason I-see they dismayed-ones ones-being-turned-away back
and·masterful-men-of·them they-are-being-pounded and·flight they-flee and·not
they-face-about shrinking-fear from·round-about averment-of ieue must-not-be
he-is-fleeing the·fleet-one and·must-not-be he-is-escaping the·masterful-man
north·ward on side-of stream-of Euphrates they-stumble and·they-fall
Wherefore have I seen them dismayed [and] turned away back? and their mighty ones
are beaten down, and are fled apace, and look not back: [for] fear [was] round about,
saith the LORD. Let not the swift flee away, nor the mighty man escape;
they shall stumble, and fall toward the north by the river Euphrates.
line ,
“for what reason – I see – (that) they – (are) terrified / , retreating – backwards / ,
and=as the masterful-men / (being) crushed / and fleeing – to escape ? / ;
and=for – they – (can) not – face – the terror – (coming) from every side / ,
(is) the declaration of – IEUE / ;
(it) must not be – (that) the swift one – escapes / ,
and it must not be – (that) the masterful-man – escapes / ,
they stumble – and fall – on=at – the north – side of / the river / Euphrates [‘border’] / ;
Waarom zie ik hen verschrikt terugwijken ?
Hun helden zijn te gronde gericht, zij slaan ijlings op de vlucht ,
zij keren zich niet om, angst van rondom ! spreekt de Heer .
Laat de snelle niet op de vlucht slaan , laat de held niet ontkomen ;
in het noorden, aan de oever van de rivier de Eufraat, struikelen zij en vallen .

“waarom zie ik dat zij verschrikt zijn , en terugtrekken ,
als de meesterlijke-mannen die gebroken zijn , en ijlings op de vlucht slaan ? ;
want zij kunnen de angst die van alle kanten komt niet verdragen ,
is de verklaring van IEUE ;
het moet niet zijn dat degene die snel is , ontsnapt ,
en het moet niet zijn dat de meesterlijke-man vlucht ,
zij struikelen en vallen aan de noordelijke kant van de rivier de Eufraat  [‘grens’] ;

 
7-8
introductie van hoofdthema : de Nijl ;
who ? this as·the·Nile he-is-ascending as·the·streams they-are-reeling waters-of·him
Egypt as·the·Nile he-is-ascending and·as·the·streams they-are-reeling waters and·he-is-saying
I-shall-ascend and·I-shall-cover land I-shall-destroy city and·ones-dwelling-of in·her
Who [is] this [that] cometh up as a flood, whose waters are moved as the rivers?
Egypt riseth up like a flood, and [his] waters are moved like the rivers; and he saith, I will go up,
[and] will cover the earth; I will destroy the city and the inhabitants thereof.
‘moved’, H1607 gaash ‘to agitate violently’, also ‘to surge’ ;

  • context : preparing the main theme : the Nile as the split-off watercourse :
    as “the river which the dragon made”, Ezekiel ;
    next in this chapter the Nile will be represented by “the virgin of Egypt” ;
    Plato describing what he saw : in his work ‘the Republic’ he describes how he was there
    (using a proxy) , Tartarus (eden) was below , and he saw two surging watercourses
    ascending to the north ;
    Egypt now north + city : Egypt says ‘I will ascend” ; “the city” is a bit tricky –
    though we saw “(eden’s) citadels and city were destroyed”, it is unclear who
    were her inhabitants ; we added (to be?) for safety ;

line ,
“who – (is) this – ascending – Nile                    [=’split-off watercourse which the dragon made’] ,  +
as the river (of) / surging – [eden-] waters ? / ;
Egypt – (became) in=bý the – ascending – Nile / , and=as the river (of) – surging – [eden-] waters / ,
and=for he  [=’Egypt’] said / : I shall ascend / and I shall cover – the [eden-] land / ,
I shall destroy (abd) – the [eden-] city – and the ones (to be?) dwelling – in her / ;
Wie is dat ? Als de Nijl komt hij opzetten , als rivieren kolkt zijn water .
Egypte – als de Nijl komt het opzetten, als rivieren kolkt zijn water .
Het zegt : ik kom opzetten, ik zal de aarde bedekken, ik zal de stad verdelgen en wie daarin wonen.

“wie is de omhoogstijgende Nijl                           [=’de afgesplitste rivier die de draak maakte’] ,  +
als de rivier van kolkende [eden-] wateren ? ;
Egypte ontstond vanwege de omhooggestegen Nijl , als de rivier van kolkende [eden-] wateren ,
want hij [=’Egypte’] zei : ik zal omhoogstijgen en ik zal het [eden-] land bedekken ,
ik zal de [eden-] stad verdelgen en wie daarin (komen te?) wonen ;

 
9-10
steeds duidelijker wordt dat het thema over de andere werkelijkheid gaat :
come-up-you ! the·horses and·rave-you ! the·charioteer and·they-shall-go-forth
the·masterful-men Cush and·Phut ones-grasping-of shield and·Ludim ones-grasping-of
ones-bending-of bow and·the·day the·he for·my-Lord ieue-of hosts day-of vengeance
to·to-be-avenged-of from·foes-of·him and·she-devours sword and·she-is-surfeited
and·she-is-soaked from·blood-of·them that sacrifice to·my-Lord ieue-of hosts
in·land-of north to stream-of Euphrates
Come up, ye horses; and rage, ye chariots; and let the mighty men come forth;
the Ethiopians and the Libyans, that handle the shield; and the Lydians, that handle
[and] bend the bow. For this [is] the day of the Lord GOD of hosts, a day of vengeance,
that he may avenge him of his adversaries: and the sword shall devour,
and it shall be satiate and made drunk with their blood:
for the Lord GOD of hosts hath a sacrifice in the north country by the river Euphrates.

  • context : the theme is even more transcending to the other reality :
    after the description of the Nile , now as “the day of IEUE” ;
    Phut and Lud : we haven’t a satisfactory cluster (yet) , but likely as pre-eden
    regions from the deep-south (from the pre-eden Rachab land?) whose people
    have moved to the north ; compare glyph PÃT+peoples , or NT-spirits ;

line ,
“come up you / (you) horses / and boast you / (you) charioteers / ,
and (let) the masterful-men  [=’spirits’] of – Cush – and Phut – go forth / ,  +
(being) the ones handling – the shield / ,
and Ludim – (being) the ones handling – [and] bending – the bow / ;
and=for – this – (is) the day – for=of myLord – IEUE of – hosts / ,
the day of – vengeance [‘by purity’] – to=for to avenge – from=upon his enemies / ;
and – the sword – devours – and she is satiated – and drenched – from=by their blood / ,
that=because – (it is) the sacrifice – to myLord – IEUE of hosts    +
in the land of – the north / , to=at – the river – Euphrates          [=‘dimensional-border’] / ;
Kom op, paarden, raas, strijdwagens, laten de helden uittrekken ,
De Cusjieten, de Puteeërs, die het schild hanteren, de Lydiërs die de boog hanteren en spannen.
Deze dag is van de Heer, de HEERE van de legermachten ,
een dag van wraak om zich te wreken op zijn tegenstanders .
Het zwaard zal verslinden en verzadigd worden, en dronken worden van hun bloed .
Want het is een slachting voor de Heer, de HEERE van de legermachten ,
in het land in het noorden, aan de rivier de Eufraat .

“kom op , paarden , en raas , strijdwagens ,
en laten de meesterlijke-mannen  [=’geesten’] van Cush en Phut uittrekken ,  +
die degenen zijn die het schild hanteren ,
en Lud als degenen die de boog hanteren en spannen ;
want dit is dag van de Heer , IEUE van de legermachten ,
de dag van wraak  [‘door reinheid’] om zich te wreken op zijn tegenstanders ;
en het zwaard zal verslinden en verzadigd worden en gedrenkt in hun bloed ,
want het is het offer voor de Heer , IEUE van de legermachten ,  +
in het land in het noorden , aan de rivier de Eufraat  [=’dimensionele-grens’] ;

 
11-12
tegen de Nijl zelf , die de geesten sterk maakt  (maakte) :
ֲascend-you ! Gilead and·take-you ! balm virgin-of daughter-of Egypt to·the·futility
you-increase remedies application there-is-no for·you they-hear nations dishonor-of·you
and·yelling-of·you she-fills the·earth that masterful-man in·masterful-man they-stumble
together they-fall two-of·them
Go up into Gilead, and take balm, O virgin, the daughter of Egypt: in vain shalt thou use many
medicines; [for] thou shalt not be cured. The nations have heard of thy shame, and thy cry hath filled
the land: for the mighty man hath stumbled against the mighty, [and] they are fallen both together.

‘balm’ , H6875 tsori ‘balm’ ,
‘medicines’ , H8585 th’al-ah ‘trench, conduit, channel’ 11x ; in Jer.30 as personal ‘application’ ;
‘cry’ , H6682 tsavach-ah ‘outcry’ (2x in Jer) ; H6680 tsav-ah ‘to command’, many ;

  • context : against the Nile herself , who makes (made) the spirits to be strong :
  • now directed to the source of their power ;
    virgin-daughter as Nile : the two serpents :
    as ‘caduceus’ or DNA-axis (see also Amos chapter) ;
    the line uses so demonstrative the “two” and “together”
    that we múst look for a double-theme :
    just before the Nile was described , here is the obvious
    hint to “channel” (the Nile is their ‘throat’) ;
    the “outcry”, that “she speaks” is addressed in next lines ;
    Gilead : “the pregnant eden-hill which they opened”,
    the hill as “the virgin Ishral” , see Amos ,
    hence their axis into the hill is “virgin of Egypt” ;
    see Tuat V for the hill (middle register) ;
    masterful-mistresses : feminine usually as ‘mistress’
    but we used the term to relate it to the serpents ;

sacredtexts

line , 
“ascend you ! / [=fróm] Gilead          [=’the eden-hill they opened , sticking the Nile into her’] ,  +
and take you / balm / , (you) virgin – daughter of – Egypt                           [‘Nile as caduceus’] / ,
in vain – you increase  – remedies / , there-is-no – application [‘channel’] – for you / ;
the nations [‘of spirits’] – hear – your disgrace ,  +
and=for your outcry  [‘for not commanding anymore’] – fills – the land / ;
that=because / the (one) masterful-mistress  [‘1st serpent-axis’] – stumbles  +
in=over the (other) masterful-mistress  [‘2nd serpent’] – [and] both of them – fall down – together / ;
Ruk op naar Gilead en haal balsem, maagd, dochter van Egypte .
Tevergeefs verhoogt u de medicijnen, herstel is er niet voor u .
De volken hebben van uw schande gehoord, het land is vol van uw gejammer ,
want de ene held is over de andere gestruikeld, samen zijn zij gevallen – zij beiden .

“stijg op ván Gilead                     [=’de eden-heuvel die zij openden , de Nijl erin stekend’] ,  +
en haal balsem , (u) dochter maagd van Egypte                             [=’de Nijl als caduceus’] ,
tevergeefs vermeerdert u de remedies , er-is-geen methode  [‘kanaal’] voor u ;
de volken  [‘van geesten’] horen uw schande ,   +
want uw gejammer  [=’het niet meer commanderen’]  vult het land ,
omdat de (ene) meesteres  [=’eerste serpent , zie afbeelding’]  struikelt over  +
de (andere) meesteres  [=’tweede serpent’]  en alle twee vallen ze samen neer ;

 
part II  —  deel II
 

13-14
the·word which he-spoke ieue to Jeremiah the·prophet to·to-come-of Nebuchadrezzar
king-of Babylon to·to-smite-of land-of Egypt tell-you ! in·Egypt and·announce-you !
in·Migdol and·announce-you ! in·Noph and·in·Tahpanhes say-you ! station-yourself !
and·prepare-you ! for·you that she-devours sword round-about·you
The word that the LORD spake to Jeremiah the prophet,
how Nebuchadrezzar king of Babylon should come [and] smite the land of Egypt.
Declare ye in Egypt, and publish in Migdol, and publish in Noph and in Tahpanhes:
say ye, Stand fast, and prepare thee; for the sword shall devour round about thee.

  • context : chapter change : because Nebu won , the angel Nebu may destroy the North ;
    (see line 1-2) ; we had the chapter where the literal king of Babylon attacked Tyre but
    got no loot (because Tyre had shipped-out her treasures) , that is why the king of Babylon
    (as the fallen archangel) was said to plunder his own field of reeds , in the north :
    Nebukadnessar never invaded Egypt ! : according to his own tablets , he made an
    attémpt to attack it , in 610BC , but had to withdraw after heavy losses ;
    another attempt in 568BC is briefly mentioned ;
    so this is about the fallen angel : where the first half of this chapter described
    a battle which literally and verifiably happened in that place , this section
    can only point to the region above eden ; note also the large attributes used here ;

line ,
“the word [in right direction] / which / (he,) IEUE spoke [in right direction]  +
to / Jeremiah – the prophet / ,  +
to=about the arrival of – Nebuchadnessar [=’Thoth’] – king of – [Mystery-] Babylon ,   +
[in order] to=for to smite – the land of – Egypt  [=’north of eden’] / :
tell you [s-w] / in=to Egypt / and report you / in=to Migdol  [‘pillar of great balance] / ,
and report you / in=to Noph [=’Memphis’] / and=as in=to Tahpanhes  [=’the bar of Egypt’] / ,
and say you / : stand firm / and prepare – yourselves / ,
that=because – the sword – shall devour – round about you / ;
(De inval van Nebukadrezar in Egypte)
Het woord dat de Heer sprak tot de profeet Jeremia
over de komst van Nebukadrezar, de koning van Babel, om het land Egypte te treffen :
Verkondig in Egypte, laat het horen in Migdol, laat het horen in Nof en in Tachpanhes .
Zeg : stel u op, maak u gereed, want het zwaard heeft verslonden wat rondom u is .

“het woord [in goede richting] dat IEUE sprak [in goede richting] tot de profeet Jeremiah ,  +
over de komst van Nebuchadnessar [‘Thoth’] , de koning van [Mystery-] Babylon ,  +
om het land Egypte te slaan                              [=’Egypte als hun regio boven eden’] :
vertelt u ! [s-m] tegen Egypte , en rapport-eert u ! tegen Migdol         [‘pilaar van weegschaal’] ,
en rapport-eert u ! tegen Noph [‘Memphis’] als (tegen) Tahpanhes  [=’de grendel van Egypte’] ,
en zeg :
sta sterk , maak u gereed , want het zwaard zal rondom u verslinden ;

 
15-16-17
for-what-reason he-is-flattened sturdy-ones-of·you not he-stands that ieue
he-thrusts-down·him he-increases one-stumbling moreover he-falls man to
associate-of·him and·they-are-saying rise-you ! and·we-shall-return to people-of·us
and·to land-of kindred-of·us from·faces-of sword the·one-tyrannizing they-call there
Pharaoh king-of Egypt tumult he-let-pass-by the·appointed-time
Why are thy valiant [men] swept away? they stood not, because the LORD did drive them.
He made many to fall, yea, one fell upon another: and they said, A Arise, and let us go again
to our own people, and to the land of our nativity, from the oppressing sword. They did cry there,
Pharaoh king of Egypt [is but] a noise; he hath passed the time appointed.

‘swept away’ , H5502 shachaph 1x ; shach-ah ‘to scrape’ 1x ;

  • context : ultimate end-date : in several chapters we had this theme ,
    like “a by both parties agreed upon end date” deciding which realm will have ‘won’ ,
    which is incredible close at this point in time ;
    stumbling : must be related to the implosion of their caduceus ;

line ,
“for what reason / (are) your  [=’Egypts’] sturdy ones – (swept down?) ? / ;
they (do) – not – stand – that=because – IEUE – pushed them over / ;
he caused many – to stumble / , indeed / man [‘one’] – on=over – his associate [‘another’] / ,
and=so they say / : arise you / and we shall return / to our people / and to – our home – land / ,
from=instead of facing – the violent – [eden-] sword / ;
there – they call (to) / Pharaoh – king of – Egypt ,   +
(being) the uproar – (that) he (has) let – the appointed time – to pass by    [=’as thé end-date’] / ;
Waarom zijn uw machtigen weggevaagd ?
Zij hebben geen stand gehouden, omdat de Heer hen heeft verjaagd .
Hij maakt het aantal van hen die struikelen groot, ja, de een viel over de ander .
Toen zeiden zij : sta op, laten wij terugkeren naar ons volk en naar ons geboorteland ,
vanwege het zwaard van de onderdrukker .
Daar riepen zij : de farao, de koning van Egypte, is een grootspreker :
hij heeft het juiste moment voorbij laten gaan !

“waarom zijn uw  [=’Egypte’s’] machtigen (neergemaaid?) ? ,  
zij houden geen stand , omdat IEUE hen heeft omvergeduwd ;
hij maakt het aantal van hen die struikelen groot , inderdaad , de een valt over de ander ,
dus zeggen zij : sta op, laten wij terugkeren naar ons volk en naar ons thuisland ,
in plaats van het onderdrukkende  [eden-] zwaard te moeten verdragen ;
daar roepen zij (tot) de Farao , de koning van Egypte ,   +
als de oproer (dat) hij de vastgestelde tijd voorbij heeft laten gaan            [=’als dé eind-datum’] ;

 
18-19
life I averment-of the·king ieue-of hosts name-of·him that as·Tabor in·the·mountains
and·as·Carmel in·the·sea he-shall-come luggages-of deportation makedo-you ! for·you
one-dwelling-of daughter-of Egypt that Noph to·desolation she-shall-become
and·she-is-ravaged from·there-is-no one-dwelling
[As] I live, saith the King, whose name [is] the LORD of hosts, Surely as Tabor [is] among the
mountains, and as Carmel by the sea, [so] shall he come. O thou daughter dwelling in Egypt,

furnish thyself to go into captivity: for Noph shall be waste and desolate without an inhabitant.
‘tabor’, H8396 thabor ; 8406 -thbar ‘brittle’ 1x (Aram.) ; related to the Ishral house and ‘a net’ ;
from 2898 -tub [ eden-] good but corrupted ? or -bar [son,pool] +th suffix ? ;

  • context : Karmel and Tabor : we fail to see the link here ;
    it cannot be intended “as sure as karmel is by the sea”, God don’t use loose quotes ,
    but the intention escapes us for there don’t seem to be a follow-up ;

line ,
“I (am) – [eden-] life / , (is) the declaration of – the king – (whose) name (is) – IEUE of – hosts / ;
that=surely / he=she shall go – Tabor – the mountains – and Karmel – the sea / ;         [=?]
prepare you – for yourself – the things of=for – deportation / , daughter of – Egypt   [‘Nile’] / ,
that=because – Noph [‘Memphis’] – (will be) to=as a desolation / ,
and she (will be) set on fire – from=so there-is-no – one dwelling / ;
Zo waar ik leef, spreekt de king – Heer van de legermachten is zijn naam –
Voorzeker, als de Tabor onder de bergen en als de Karmel bij de zee zal hij komen !
Pak uw boedel bij elkaar voor de ballingschap, dochter van Egypte .
Want Nof zal tot een verwoesting worden
en het zal vernietigd worden, zodat er geen inwoner meer is.
“ik ben [eden-] leven ,  +
is de verklaring van de koning (wiens) naam IEUE van de legermachten is ;
voorzeker , hij=zij zal gaan / Tabor / de bergen / en de Karmel / de zee ;                [=?]
pak uw boedel bij elkaar voor de ballingschap , dochter van Egypte         [=’de Nijl’] ,
want Noph  [‘Memphis’] zal tot desolaat worden ,
en zij zal in brand worden gestoken , zodat er geen inwoner meer is ;

 
20-21
heifer lovely-lovely Egypt twitching-insect from·north he-comes he-comes moreover
hirelings-of·her in·within-of·her as·calves-of stall that moreover they they-face-about
they-flee together not they-stand that day-of calamity-of·them he-comes on·them
era-of visitation-of·them
Egypt [is like] a very fair heifer, [but] destruction cometh; it cometh out of the north.
Also her hired men [are] in the midst of her like fatted bullocks; for they also are turned back,
[and] are fled away together: they did not stand,
because the day of their calamity was come upon them, [and] the time of their visitation.

  • ‘very fair’, H3304 yepheh-phiyahh 1x ; -yaphah ‘to be or make pretty’, 2x in Jer. , negative ;
    or a combination of 6310 pheh ‘mouth’; pheah ‘side’ ; [=menát?] ; which verb ? ;
  • ‘heifer – bullock’ , H5697 egl-ah ‘heifer’ ; H5695 egel ‘calf’ ;
  • ‘destruction’ , H7171 qerets ‘horsefly’ 1x ; -qarats ‘to pinch, to wink [the eye]’ 5x ;
    qeres ‘clasp, [hook]’ , qereth ‘city’ (few) , Akk. qurqurru ‘sculptor’,
  • context : corrupted line : it is not possible to restore any Sensible line ;
    the theme still must be “the virgin of Egypt” , so it’s illogical that ‘soldiers’
    are intended here , compared to previous line and next ones ;
    lovely-lovely + he comes he comes : a sure indication that Esau tampered
    by suggesting the KJV option ;

line ,
“Egypt – (———) (———) – (heifer?) / ,
(———) / goes – goes – the north / ;
(moreover?) / her hired ones [=constructs, likely?] / in her midst / (fattened?) – (calves) /,
that – moreover – they – turn around – flee – together / ,                                     [corrupted]
————-
they do – not – stand – that=when – the day of – their calamity [‘witness’] – comes – on them / ,
(being) the time of – the visitation upon them    [‘for to judge’] / ;
Egypte is een bijzonder mooi kalf, maar de horzel uit het noorden komt eraan – hij komt eraan!
Zelfs zijn huursoldaten zijn in zijn midden als gemeste kalveren, maar ook zij keren zich om.
Zij slaan tezamen op de vlucht, zij houden geen stand,
want de dag van hun ondergang is over hen gekomen, de tijd van vergelding aan hen .

“Egypte (———) (———) (kalf?) , (——–) / gaat / gaat / noorden / ;
(ook?) haar gehuurde dingen? [=constructen?] / in haar midden / (gemeste?) (kalveren) ;
want (ook?) zij keren zich om slaan tezamen op de vlucht                                        [corrupt]
—————-

zij houden geen stand wanneer de dag van hun ondergang  [‘getuigen’] op hen komt ,
als de tijd van het bezoeken aan hen   [=’om te oordelen’] ;

 
22-23-24
sound-of·her as·the·serpent he-is-going that in·potency they-are-going and·in·hatchets
they-come to·her as·ones-chopping-of trees they-cut-down wildwood-of·her averment-of
ieue that not he-shall-be-investigated that they-are-numerous from·locust and·there-is-no
to·them numbering she-is-put-to-shame daughter-of Egypt she-is-given in·hand-of people-of north
The voice thereof shall go like a serpent; for they shall march with an army, and come against her
with axes, as hewers of wood. They shall cut down her forest, saith the LORD, though it cannot be
searched; because they are more than the grasshoppers, and [are] innumerable. The daughter of
Egypt shall be confounded; she shall be delivered into the hand of the people of the north

‘grasshoppers’ , H697 arb-eh ‘locust’ ; H6137 aqrab ‘scorpion’ ; Nah.3 “multiply+locusts” ;

  • context : the locusts as per Revelation ? ;
    the Euphrates was mentioned in this chapter , as ‘border’ ; the link to Revelation
    when the millions cross when the border dried up , is apparent ;
  • I) their DNA-axis as two serpents , this axis represented as Sekhmet’s power :
  • see also the Amos chapter for this theme ;
    the two intertwined axis “give birth” ,
    shown by both women having one finger
    in or to their mouths ; it is acceptable that
    also the locusts are born by this axis ;
    both axis are termed MENNU ,
    “the doubled-eden-word by the elongated
    eden-ram-horns for the m-realm”, a wordplay
    upon the cluster -MEN (see next verses) ;
    Sekhmet : (see depiction in next lines)
    as a woman-body with a lioness-head ,
    as candidate for “the daughter of Egypt”;
    she has the (red) sun atop of her head ,
    the same one as upon both serpents ;
    Sekhmet in spells : though appearing ,
    little is concretely said about her except
    “bringing power” (skhm) ;
    to right , section of CT 336 e) ,
    “Sekhmet’s. double-arm for hail. [for]
    to make the M-realm. [in order] (matrix-)
    existence. to manifest (per).” ;
    the arms have the flesh-glyph ;
    2) same theme as “the double sceptre”, see B) ,
    where the “power” is by “great speech”, UR ,
    as the power speech to create (by eden-words)
    and compare “her voice” in this line ;
    (complex theme but this must do) ;

sacredtexts
 
 

336 (rpt)
 
 

B) rpt
  • I) forest and locusts :
    staying in the -MEN cluster , the ‘forest’ (see C)
    as MENNU is a good option – note the standing
    mummy as ‘image’ ; “the trees of the (eden) word
    for the (matrix-) words-inside for stability” ,
    into MENNU “garment, cloth” , into MEN ‘cattle’,
    into MENNU
    (said as ‘dove’, to right) but we suggest “locust”,
    because the duck always means “son” (SA) ,
    and is within the ‘garment’ ‘forest’ cluster ;
    turning into SEKHT SA-NH’M “field of locusts” ,

C) rpt
 
 

rpt

             
line ,
“her voice  [=’Egypt daughter as caduceus’] – (is) as=by – the moving – [two-] serpents / ,  +
that=because – they move (themselves) – in efficiency / ,
and=but – (as) the ones cutting down – trees – come – in=with axes – to her / ;
[+and] they hew down – her forest [zech1?] / , (is) the declaration of – IEUE / ,
that=so that – it shall – be discovered / that – there are numerous – (from=as) locusts / ,
and=as there-is-no – number – to them / ;
the daughter of – Egypt – is put to shame / , she is given – in the hand of – the people of – the north / ;
Het geluid van Egypte is als dat van een slang die wegschuifelt , want met een legermacht
zullen zij erheen gaan ; met bijlen zullen zij bij hem komen, als houthakkers.
Zij zullen zijn woud omhakken, spreekt de Heer, al is het ondoordringbaar .
Want zij zijn talrijker dan sprinkhanen , zodat zij niet te tellen zijn .
De dochter van Egypte staat beschaamd, zij is in de hand van het volk van het noorden gegeven.

“haar stem  [=’Egypte dochter als hun DNA-as’] is vanwege de [twee-] zich bewegende slangen ,  +
want zij bewegen zich doelmatig ,
maar degenen die bomen omhakken komen met bijlen naar haar ;
en hakken haar woud om , is de verklaring van IEUE ,
zodat ontdekt zal worden dat er talrijke sprinkhanen zijn , als een niet te tellen aantal ;
de dochter van Egypte staat beschaamd ,   +
zij is in de hand van de mensen van het noorden gegeven ;

 
25-26
he-says ieue-of hosts Elohim-of ishral behold·me ! visiting to Amon from·No and·on
Pharaoh and·on Egypt and·on Elohim-of·her and·on kings-of·her and·on Pharaoh and·on
the·ones-trusting in·him and·I-give·them in·hand-of ones-seeking-of soul-of·them
and·in·hand-of Nebuchadrezzar king-of Babylon and·in·hand-of servants-of·him and·after
so she-shall-tabernacle as·days-of aforetime averment-of ieue
The LORD of hosts, the God of Israel, saith; Behold, I will punish the multitude of No,
and Pharaoh, and Egypt, with their gods, and their kings; even Pharaoh, and [all] them
that trust in him: And I will deliver them into the hand of those that seek their lives,
and into the hand of Nebuchadrezzar king of Babylon, and into the hand of his servants:
and afterward it shall be inhabited, as in the days of old, saith the LORD.

  • context : Amen at No : since the line continues
    after mentioning ‘the virgin’, Amen must have
    a connection with the latter ;
    the virgin (Sekhmet) as the power óf that
    double-snake axis (caduceus) ,
    while ÁMEN is “her masculine defense” ;
    ithyphallic : to right , both as MENU and Á-MEN ,
    the glyph -MEN as “stability” ; the phallus as
    their axis (into eden) , the power of it shown by
    the raised arm below the flail ;
    2) Menu is the blueprint of ‘Allah’ ;
    Sekhmet as Menu : to right ; similarly positioned ;
    making a strong case that ‘the virgin daughter’
    is equated with Sekhmet as ‘powering’ Menu –
    that Menu wears “two feathers” (as two axis)
    means “he is ruled by them”: where the caduceus
    áre the both serpents ;
    I) seeking their adamite-soul : we had this before ,
    implying that “the ones trusting” are corrupted souls ;
    henchmen : also this we had before ,
    who shall dwell ? : there is no other subject available
    as ‘the Egypt daughter”; the line must imply a situation
    when eden ruled – so she is now dethroned ;

landofpyramids org
 
 

the keep org

line ,          
“(he,) IEUE of – hosts – the deity of – Ishral – says / :
behold me ! / visiting – to=upon – Amen [‘Menu’] – from=at No [‘Thebes’] / and=as – the Pharaoh / ,
and on – Egypt – and on – her deities – and on – her kings – and on – the ones trusting – in them / ;
and I give them  [=’the trusting ones’] / in the hand of / the ones seeking / their adamite-soul / ,
[namely] (and=as) in the hand of – Nebuchadnessar [=’Thoth’] – king of – [Mystery-] Babylon / ,
and in the hand of – his servants  [‘henchmen’, as strong spirits’]  / ;
and after that – indeed – she  [=’Egypt daughter’] shall dwell – as (in) – the former (qdm) – days / ,
(is) the declaration of  -IEUE / ;
De Heer van de legermachten, de God van Israël, zegt :
zie, ik ga Amon, de god van No, de farao, Egypte, en zijn koningen straffen ,
ja ik straf de farao en wie op hem vertrouwen .
Ik zal hen geven in de hand van hen die hen naar het leven staan ,
zowel in de hand van Nebukadrezar , de koning van Babel, als in de hand van zijn dienaren.
Maar daarna zal zij bewoond worden als in de dagen van weleer, spreekt de Heer .

“(hij,) IEUE van de legermachten , de godheid van Ishral , zegt :
zie , ik ga Amen  [‘Menu’] , de godheid in No  [‘Thebe’] als de Farao , bezoeken  [=’om te straffen] ,
en Egypte , en haar goden , en haar koningen , en wie op hen vertrouwen ;
en ik geef hen  [=’die vertrouwen’] in de hand van hen die hun adam-ziel zoeken ,
[namelijk] in de hand van Nebuchadnessar [=’Thoth’] , de koning van [Mystery-] Babylon ,
en in de hand van zijn dienaren  [=’handlangers, als sterke geesten’] ;
en daarna zal zij  [=’dochter Egypte’] inderdaad verblijven als in de dagen van vroeger (qdm) ;

 

D)
 

27-28
hoofdstuk wisseling : slot : gezegd tegen de Originelen en Jakob :
and·you must-not-be you-are-fearing servant-of·me Jacob and·must-not-be
you-are-being-dismayed ishral that behold·me ! saving-of·you from·afar and seed-of·you
from·land-of captivity-of·them and·he-returns Jacob and·he-is-quiet and·he-is-tranquil
and·there-is-no one-making-tremble you must-not-be you-are-fearing servant-of·me Jacob
averment-of ieue that with·you I that I-shall-make finish in·all-of the·nations which
I-expelled·you there·ward and you not I-shall-make finish and·I-discipline·you
for·the·judgment and·to-hold-innocent not I-am-holding-innocent·you
But fear not thou, O my servant Jacob, and be not dismayed, O Israel: for, behold,
I will save thee from afar off, and thy seed from the land of their captivity; and Jacob shall return,
and be in rest and at ease, and none shall make [him] afraid. Fear thou not, O Jacob my servant,
saith the LORD: for I [am] with thee; for I will make a full end of all the nations
whither I have driven thee: but I will not make a full end of thee,
but correct thee in measure; yet will I not leave thee wholly unpunished.

  • context : chapter change : said to the Originals and to all believers (as Jacob) :
    this is not about old-Ishral being scattered into the nations ;
    both Jacob and Originals are addressed in the first line , indicating a theme change ;
    the Originals are nót disciplined – but Jacob will be : as an important clue
    that both groups here are the Originals and Jacob ;
    note the use of “offspring”, where our soul is indeed a split-off part of them ;
    expelled you (to earth) : referring to the previous “offspring will return” ;
    there is nowhere any “(correct thee) in measure” , that was but added ;
    similar line about “I will not hold you innocent” is in Jer.30 , addressed to Jacob
    and referring to “that day” ;

line ,
[said in the first place to the Originals :]
“and=but you – my servant – Jacob [=’all believers’] – (it) must not be (that) you fear /,
and (it) must not be – (that) you are scared / , Ishral        [=’our Originals’] / :
that=because / behold me ! / saving you  [=’Originals’] / (from=as) (being) far away / ,
and your óffspring / from the land of – their captivity             [=’souls on this earth’] / ,
and=for Jacob [=’all believers’] – (shall) return                          [=’fróm this earth’]    +
and be in rest – and at ease / and there is – no one making him afraid / ;
[now to Jacob , as all believers :]
it must not be – (that) you fear / , my servant – Jacob / , (is) the declaration of – IEUE / ,
that=because / I (am) with you / ;
that=surely / I shall make – an end – in=to all – the nations   +
to=as there – which [=’where’] – I expelled you – to            [=’expelled you to this earth’] / ,
and=but – I shall – not – make – an end – (to) yóu / ;
and=yet – I discipline you – for=by the judgment  [=’per Revelation’]  +
and=for – I will – certainly – not – hold you innocent / .
U dan, wees niet bevreesd, mijn dienaar Jakob, wees niet ontsteld, Israël !
Want zie, ik ga u verlossen uit verre landen, uw nageslacht uit het land van hun gevangenschap.
Jakob zal terugkeren, rust hebben en zonder zorgen zijn, en niemand zal hem schrik aanjagen.
U dan, wees niet bevreesd, mijn dienaar Jakob, spreekt de Heer, want ik ben met u .
Ik ga immers een vernietigend einde maken aan alle heidenvolken waarheen ik u verdreven heb.
Aan u echter zal ik geen vernietigend einde maken .
Ik zal u bestraffen met mate, maar u beslist niet voor onschuldig houden .

[in de eerste plaats gezegd tegen de Originelen :]
“maar u , mijn dienaar Jakob  [=’alle gelovigen’] , het moet niet zijn dat u bang bent ,
en het moet niet zijn dat u bevreesd bent , Ishral    [=’onze Originelen’] :
want zie , ik ga u  [=’Originelen’] de ver weg zijn , verlossen ,
en uw afstammelingen uit het land van hun gevangenschap       [=’zielen op deze aarde’] ,
want Jakob  [=’alle gelovigen’] zal terugkeren                                 [=’ván deze aarde’] ,
en zal rust hebben en zonder zorgen zijn , en niemand zal hem schrik aanjagen ;

[nu tegen Jacob , als alle gelovigen :]
het moet niet zijn dat u bang bent , mijn dienaar Jakob ,  +
is de verklaring van IEUE , want ik ben met u ;
voorzeker ,  +
ik ga een einde maken aan alle volken waarheen ik u verdreven heb [=’naar deze aarde’] ,
maar ik zal geen einde aan ú maken ;
toch zal ik u bestraffen door middel van een oordeel      [=’per Openbaring’] ,
want ik zal u zeker niet voor ónschuldig houden .

 


 
28.07.19   —   submitted   —   first version   —   hetreport