Jer. 9: (2) … daarom zullen vele
mensen zich bevinden in Op. 8
+ ‘waar het karkas is (Adam)
zijn de arenden’ (144,000)
+ Eva en hofhouding huilen
(goed leesbaar — eindtijd)

 

 

chapter context :
continuation of ch. 8 ;
the “false pen of the scribes” caused
that present christianity lives within an
abstract awareness , as dilemma for God ;
many , many believers will go through
Revelation 8 as result ;
in second half (part III and IV) the clue
is given that “the carcass” of Mt. 24 is
Adam , while “the eagles” are the 144k ;

Note : though chapters ofcourse contain
truths for every generation , the endtime
settings makes us add ‘we’, for context ;

 

hoofdstuk context
… dit hoofdstuk gaat NIET over gebeurtenissen in 500 BC ,
maar over onze tijd – en zelfs tot vér in het boek Openbaring ;

 

de eerste helft (I en II) van dit hoofdstuk
gaat verder op de ‘liegende pen’ van vorig hoofdstuk 8 ,
en het daardoor starre , op deze wereld gerichte abstracte bewustzijn van gelovigen
(het handelt niet over ‘heidenen’ maar over “mijn mensen”) ,
wat God letterlijk voor een dilemma stelt ;

 

in de tweede helft (III en IV) wisselt de context naar de andere werkelijkheid ;
het corrupte lichaam van Adam zal op het veld liggen ,
hier geplaatst tegenover de lichamen op het veld in hoofdstuk 8 ;
ook wordt een aanwijzing gegeven over de mysterieuze uitspraak van Christus
in Mattheus 24 , “waar het dode lichaam is , daar zullen de arenden zijn” ;

 

opm. : natuurlijk bevatten hoofdstukken waarheden voor alle (vorige) generaties ,
maar vanwege de eindtijd-setting voegen we ‘wij’ toe , voor context ;

 
opzet van de verzen :

  • – Engels volgens Westminster codex
  • – Engelse vertaling van eerstgenoemde
  • – Eventuele begrippen en context van zin
  • – Onze vertaling en context ; uitgebreider
    noten Akk. Sanskrit, glyphs, zie hoofdsite
  • – Nederlandse vertaling , meestal woordelijk
    overgenomen van herzienestatenvertaling nl ,
    vanwege leesbaarheid hoofdletters opgeofferd
  • – Nederlandse vertaling in context van het Report

Alles samen om een zo goed mogelijke woordkleur te vinden ;
context tussen hoekige […] , syntax tussen ronde (….) geplaatst

 

Jeremia 9

 
1-2
vervolg van hoofdstuk 8 , “wie zal de dochter van mijn mensen helen” ? :
who ? he-shall-give head-of·me waters and·eye-of·me fountain-of tear and·I-shall-weep
by-day and·night ones-wounded-of daughter-of people-of·me who ? he-shall-give·me in·the·wilderness lodging-of caravan-men and·I-shall-forsake people-of·me and·I-shall-go from·with·them that all-of·them ones-committing-adultery restraint-of ones-being-treacherous
Oh that my head were waters, and mine eyes a fountain of tears, that I might weep
day and night for the slain of the daughter of my people! Oh that I had in the wilderness
a lodging place of wayfaring men; that I might leave my people, and go from them!
for they [be] all adulterers, an assembly of treacherous men.
water shall flow from our eyelids

  • context : continuing chapter 8 , about “who shall heal the daughter of my people?” :
    previous lines asked “is-there-no – one (who) can go heal – there ?” ;
    flow + eyelashes : is the right version because same line returns later on ,
    where “my head be waters” is total Nonsense , changed with evil intent ;
    the slain : referring back to the “abstract consciousness” which everyone is under
    (as we of hR were , too) , per previous chapter 8 ;
    so that I *NOT* have to forsake my people : once again this awful possibility ,
    we had this several times now – see Amos , index ;
    oh / who : twice as “who” (see blue) , therefore always addressed to us ;
    lodging place : we had that once , there as “resting-place” ,
    treacherous : same root as ‘garment’ , i.e. “this body we have now”,
    we opt that our devious ‘I’ is related to the theme ,
    behold ! : inserted by us to show the dilemma ;

line ,
[God’s terrible dilemma :]
“who – shall dedicate himself ? [=’who of us’] / ;
waters – [+flow from] – my eyelashes / and=for my eyes – (are) a fountain of – tears / ,
and=for I weep / day / and night / (about) the slain of / the daughter of / my people
     [=’about all believers who live in the abstract reality of this world ;
     the “daughter of my people” as the virgin Ishral / Revelation woman’]
/ ;
who [=’we’] / shall dedicate (himself) to me +
(to be) a [temporary-] lodging-place of – travelers – in the wilderness [=’this world’] ?
     [=’symbolical expression for where “concepts áre understood”] / ,
and=so (that) – I shall – [+nót] – (have to) abandon – my people [=’all souls on earth !’] , +
and (will) – [+nót] – need to go awáy – from them [=‘forever’] / ;
that=yet [+behold !,] / all of – them – commit adultery [=’in spiritual Sense’] / ,
(being) an assembly of – treacherous ones [=’by this treacherous garment-body’?] / ;
Och, was mijn hoofd maar water en mijn oog een bron van tranen ,
ik zou dag en nacht wenen over de gesneuvelden bij de dochter van mijn volk .
Och, had ik in de woestijn maar een kamp voor reizigers !
Ik zou mijn volk verlaten , ik zou bij hen weggaan,
want zij zijn allen overspelers , een trouweloos gezelschap .

[God’s vreselijke dilemma :]
“wie zal zichzelf (daarvoor) inzetten ? [=’wie van ons’] ;
water [+stroomt van] mijn wimpers want mijn ogen zijn een bron van tranen ,
omdat ik dag en nacht huil over de verslagenen van de dochter van mijn mensen
      [=’over alle gelovigen levend in de abstracte werkelijkheid van deze wereld ;
     de “dochter van mijn mensen” als de maagd Ishral / Openbaring vrouw’] ;
wie [=’wij’] zal zich voor mij inzetten , +
opdat er een [tijdelijke-] verblijfplaats voor reizigers in de wildernis      [=’deze wereld’] is ?

      [=’symbolisch voor waar “de concepten begrépen worden”] ,
opdat ik mijn mensen [+niét] zal moeten achterlaten [=’alle zielen op aarde !’] , +
en [+niét] van hen weg zal moeten gaan [=‘voor eeuwig’] ;
maar [+zie !,] zij allen plegen overspel [=’in geestelijke zin’] ,
als een verzameling verraders [=’vanwege dit verraderlijke lichaam’?] ;

 
3-4
and·they-are-bending tongue-of·them bow-of·them falsehood and·not
for·faithfulness they-are-masterful in·the·land that from·evil to evil they-go-forth
and me not they-know averment-of ieue man associate-of·him beware-you ! and·on
any-of brother must-not-be you-are-trusting that every-of brother to-circumvent
he-is-circumventing and·every-of associate talebearer he-is-going
And they bend their tongues [like] their bow [for] lies: but they are not valiant for the truth
upon the earth; for they proceed from evil to evil, and they know not me, saith the LORD.
Take ye heed every one of his neighbour, and trust ye not in any brother:
for every brother will utterly supplant, and every neighbour will walk with slanders
‘slanders’ , H7400 rakil ‘slanderer, tale-bearer’ , rakal ‘merchant’,

  • context : eden-land : it seems to us that “in this world” is a superfluous addition ,
    but that ‘the eden land’ juxtaposes here with the ‘not knowing me’ ,
    syntax as A-B-A-B rather than A-A-A-B ;
    trust no-one : intended as “to get óut from under that abstract consciousness” ,

line ,
“and=for they bend – their tongue [‘language’] / (as) their bow – [for] lies [=‘inversion’] / ,
and=as – they are – not – skilled – for=in the truth / in=about the [eden-] land / ,
that=because – they proceed – from evil – to – evil / , +
and=for – they (do) not – knów – me / , (is) the declaration of – IEUE / ;
[+therefore,] (let) a man – protect (himself) – [from] his associate / ,
and=for – (it) must not be – (that) you [=’in casu : we’] trust – on=in – any – brother / :
that=because – every – brother – completely circumvents [=’turning themes into abstractions’] ,
and every – associate – goes – merchandising       [=’merchandising with the truth’] / ;
Zij spannen hun tong als hun boog . Met leugen en niet met betrouwbaarheid
zijn zij in het land sterk geworden, want zij gaan voort van slechtheid tot slechtheid,
en mij kennen ze niet , spreekt de Heer .
Laat eenieder voor zijn naaste op zijn hoede zijn, en vertrouw op geen enkele broeder,
want elke broeder doet niets anders dan bedriegen, en elke vriend gaat rond met lasterpraat.

“want zij spannen hun tong [‘taal’] als hun boog (voor) leugens [=’inversie’] ,
omdat zij niet bedreven zijn in de waarheid over het [eden-] land ,
want zij gaan voort van slechtheid tot slechtheid , +
omdat zij mij niet kénnen , is de verklaring van IEUE ;
[+daarom,] laat een man zichzelf beschermen tegen zijn naaste ,
want het moet niet zijn dat u
[=’in casu : wij’] op wat voor broeder dan ook vertrouwt :
omdat iedere broeder er compleet omheen draait       [=’themas worden abstracties’] ,
en elke naaste aan het onderhandelen gaat       [=’met de waarheid’] ;

 
5-6
and·man in·associate-of·him they-are-trifling and·truth not they-are-speaking
they-teach tongue-of·them to-speak-of falsehood to-do-depravity they-are-tired
to-dwell-of·you in·midst-of deceit in·deceit they-refuse to-know-of me averment-of ieue
And they will deceive every one his neighbour, and will not speak the truth: they have taught
their tongue to speak lies, [and] weary themselves to commit iniquity. Thine habitation [is]
in the midst of deceit; through deceit they refuse to know me, saith the LORD.

  • context : first ‘this body’ (lines 1-2) , now ‘this matrix’ :
    the ‘deceit’ from root (-mr) “bitter”, interpretation taken from the Naomi story ;

line ,
“and=for man – is deceiving – his associate , +
and=both (are) not – speaking [in right direction] – the truth / ;
they teach [=’were teached’?] – their tongue – to speak [in right direction] – lies [‘inversion’] / ,
and weary themselves – to do iniquity [=’superficiality’] / :
[+behold !,] you [=’we’] are dwelling – in the midst of – deceit [=‘loving this matrix’, -mr] / ,
in=because of the deceit [=‘loving this matrix’] – they refuse – to know – me / ,
(is) the declaration of – IEUE / ;
Eenieder bedriegt zijn naaste, zij spreken niet de waarheid .
Zij leren hun tong leugens te spreken, zij vermoeien zich met onrecht doen .
U woont te midden van bedrog, door bedrog weigeren zij mij te kennen, spreekt de Heer.
“want ieder bedriegt zijn naaste , beide spreken [in goede richting] ze niet de waarheid ;
zij leren [=’werden geleerd om’?] hun tong leugens [‘inversie’] te spreken [in goede richting] ,
en vermoeien zich met het doen van onrecht       [=’oppervlakkigheid’] :
[+zie !,] u [=’wij’] woont te midden van bedrog [=’van deze matrix houdend’] ,
vanwege het bedrog       [=’van deze matrix houdend’] weigeren zij mij te kennen ,
is de verklaring van IEUE ;

 
7-8-9
nog steeds hetzelfde dilemma :
therefore thus he-says ieue-of hosts behold·me ! refining-of·them and·I-test·them
that how ? I-shall-do from·faces-of daughter-of people-of·me arrow
K slaying Q being-ductiled tongue-of·them deceit he-speaks in·mouth-of·him peace
with associate-of·him he-is-speaking and·in·within-of·him he-is-placing ambush-of·him
?·on these not I-shall-check in·them averment-of ieue
or in·nation which as·this not she-shall-avenge-herself soul-of·me
Therefore thus saith the LORD of hosts, Behold, I will melt them, and try them;
for how shall I do for the daughter of my people? Their tongue [is as] an arrow shot out;
it speaketh deceit: [one] speaketh peaceably to his neighbour with his mouth,
but in heart he layeth his wait. Shall I not visit them for these [things]? saith the LORD:
shall not my soul be avenged on such a nation as this?

  • context : still the same dilemma is addressed here ;
    note the juxtaposition of ‘speaking – deceit’ ;
    refine : this chapter does NOT continue with any “change”, but only ‘death’ ;
    DO read the important Is. 66 (posted tomorrow) , and also chapters of promises ;
    adam-soul : God is another class deity ; agreeing [‘I made’] doesn’t run pretty ,
    but we opt that “at present, the soul is a bizarre caricature of herself” ;

line ,
“therefore – thus – (he,) IEUE of – hosts [=’eden-dimension’] – says / :
behold me ! / refining them / , and=for I (will) test them
     [=’we (hR) fear that “the physical extermination of all souls” is intended , line 15-16
     (but DO read pinned Is. 66 in this context !) ; rather then the refinement per line
     “… but then i will turn you inside-out , and you WILL return to me”, see index’]
/ ,
that=because – what [else] – can I do / , regarding – the daughter of – my people ? / ;
their tongue – shoots-out – arrows [=’words’] / , +
speaking [in right direction] – deceit [=‘loving this matrix’] / ;
their mouth – speaks [in right direction – [eden-] peace – with – their associate / ,
and=but in their inside – they place – an ambush / ;
shall I – not – visit [‘to judge’] – them – concerning – these [things] ? / ,
(is) the declaration of – IEUE / ,
     [=’in next line , the adm-soul became “a caricature of herself” , hence the
     unusual link with ‘nation’, instead of linked to the positive ‘people’ :]

(or) – shall – the adamite-soul [‘I made’] – not – be revenged – in=on a nation – as=like this ? / ;
Daarom, zo zegt de Heer van de legermachten : zie, ik ga hen louteren en beproeven,
want hoe zou ik anders handelen ten aanzien van de dochter van mijn volk ?
Hun tong is een moordende pijl, bedrog spreekt hij . Met zijn mond spreekt men van vrede
met zijn naaste, maar in zijn binnenste legt men hem een hinderlaag .
Zou ik hun deze dingen niet vergelden ? spreekt de Heer ,
of zou mijn ziel zich op een volk als dit niet wreken ?

“daarom , zo zegt IEUE van de legermachten [‘eden-dimensie’] :
zie , ik ga hen louteren want ik zal hen beproeven
     [=’wij (hR) zijn bang dat hier “totdat ik een (fysiek) einde aan hen allen gemaakt heb”
     bedoeld is , per vers 15-16 (maar lees gepind Jes. 66 in deze context !) ; niet zozeer
     het “… maar dan zal ik u binnenstebuiten keren , en keert u wél terug naar mij”, zie index’] ,
want wat kan ik anders doen , ten aanzien van de dochter van mijn volk ? ;
hun tong schiet pijlen uit [=’woorden’] , +
bedrog [=’van deze matrix houdend’] sprekend [in goede richting] ;
hun mond spreekt [in goede richting] [eden-] vrede met hun naaste ,
maar in hun binnenste leggen ze een hinderlaag ;
zal ik hen niet bezoeken [=’om te oordelen’] vanwege deze (dingen) ,
is de verklaring van IEUE ,
     
[=’in de nu volgende zin is ‘de adam-ziel’ “een karikatuur” van haarzelf geworden ,
     vandaar de ongebruikelijke link met het negatieve ‘volk’, ipv. ‘mensen’ :]
(of) zal de adam-ziel [‘die ik maakte’] niet worden gewroken op een volk als dit ? ;

 
part II — deel II

 
10-11
over the·mountains I-shall-lift-up lamentation and·plaint and·over oases-of
wilderness dirge that they-are-ravaged from·without man passing and·not they-hear
sound-of cattle from·flyer-of the·heavens and·unto beast they-wandered they-went
and·I-give Jerusalem to·mounds habitation-of jackals and cities-of Judah I-shall-give
desolation from·without one-dwelling
For the mountains will I take up a weeping and wailing, and for the habitations
of the wilderness a lamentation, because they are burned up, so that none
can pass through [them]; neither can [men] hear the voice of the cattle; both the fowl
of the heavens and the beast are fled; they are gone. And I will make Jerusalem heaps,
[and] a den of dragons; and I will make the cities of Judah desolate, without an inhabitant.

  • context : mountains = Jerusalem = earth , wilderness = Judah = world :
    it took a long time to grasp which terms in scripture are used for what ,
    but certain phrases help to identify – the ‘abode of jackals’ is consistently used
    for “this earth , after she is dealt with” (this earth = Gaia ! , see index) ;
    occasionally we may get the colour not 100% right , yet , but below is solid ;

line ,
“I shall lift up – a waling – and a weeping – over – the mountains [=’this earth’] / ,
and – a lamentation – over – the pastures of – the wilderness [=’this world’] / ,
that=because – they (will be) set on fire – so that no – man – (will) pass through (it) / ,
and – the sounds of – ‘the animal kingdom’ – (shall) not – (be) heared / :
from the birds of – the sky – unto – the animals / , (all) go – wandering off / ;
and=for I place – Jerusalem [=‘as earth’] – to a ruin / , (being) the abode of – jackals / ,
and – I make – the cities of – Judah [‘world’] – desolate / , [without] – inhabitants / ;
Ik zal een geween en een rouwklacht aanheffen over de bergen ,
een klaaglied over de weiden van de woestijn , want zij zijn afgebrand zodat niemand
erdoorheen trekt , en men hoort nergens het blaten van het vee .
Van de vogels in de lucht tot de dieren op het land toe zijn zij gevlucht, zijn zij weggegaan.
Ik zal van Jeruzalem steenhopen maken , een verbliifplaats voor jakhalzen,
ik zal van de steden van Juda een woestenij maken , zodat niemand er meer woont .

“ik zal een huilen en een rouwklacht aanheffen over de bergen [=’deze aarde’] ,
en een klaaglied over de weiden van de wildernis       [=’deze wereld’] ,
want zij zullen in brand worden gestoken zodat niemand erdoorheen zal trekken ,
en de geluiden van ‘het dierenrijk’ zullen niet gehoord worden :
van de vogels in de lucht tot de dieren op het land toe , (allen) zullen zij weggaan ;
want ik zal van Jeruzalem [=’deze aarde’] een ruïne maken , een verblijfplaats voor jakhalzen ,
en ik zal de steden van Juda [=’deze wereld’] desolaat maken , zonder inwoners ;

 
12-13-14
who ? the·man the·wise and·he-shall-understand this and·whom he-spoke
mouth-of ieue to·him and·he-shall-tell·her on what ? she-perishes the·land
she-is-ravaged as·the·wilderness from·without one-passing and·he-is-saying ieue
on to-forsake-of·them law-of·me which I-gave to·faces-of·them and·not they-listened
in·voice-of·me and·not they-went in·her and·they-are-going after control-of
heart-of·them and·after the·Baalim which they-taught·them fathers-of·them
Who [is] the wise man, that may understand this? and [who is he] to whom the mouth
of the LORD hath spoken, that he may declare it, for what the land perisheth
[and] is burned up like a wilderness, that none passeth through? And the LORD saith,
Because they have forsaken my law which I set before them, and have not obeyed my voice,
neither walked therein; But have walked after the imagination of their own heart,
and after Baalim, which their fathers taught them:

  • context : Baalim ; we search palpable expressions , “Mystery-Babylon ruling this earth”
    is palpable , but the intention is “the northern masculine dual-realm” ,

line ,
“who – (is) the wise – man – and=who shall understand – this / ,
and=as – whom – the mouth of – IEUE – speaks [in right direction] – to ? / ;
and=then he shall tell [’s-way’] – regarding – why – the land [=’this earth’] (will) perish / ,
[+and] the wilderness [=’this world’] – (be) kindled – so that no – one will pass through (it) / ;
and=for (he,) – IEUE – says / :
on=because – they (are) forsaking – my law – which – I gave – before them / ,
and – (do) not – listen – in=to my voice / , and (do) not – walk – in her / ;
and=but (are) going – after – the stubbornness of – their (own) heart / ,
and=as after – ‘the present behemoth-realm rule’ [=‘rule by Mystery-Babylon’] , +
which – their fathers – taught them [to] / ;
Wie is de wijze man die dit begrijpt, tot wie de mond van de Heer heeft gesproken,
dat hij het bekend kan maken ?
Waarom is het land vergaan, verwoest als de woestijn, zodat niemand erdoorheen trekt ?
De Heer zegt : omdat zij mijn wet verlaten hebben die ik hun had voorgehouden ,
en niet geluisterd hebben naar mijn stem en daarnaar niet hebben gewandeld ,
maar achter hun verharde hart aan gegaan zijn en achter de Baäls aan ,
zoals hun vaderen hun dat geleerd hadden , +
“wie is de wijze man die dit zal begrijpen ,
als tot wie de mond van IEUE spreekt [in goede richting] ? ;
laat hem dan vertellen [’s-manier’] waarom het land [=’deze aarde’] zal vergaan ,
en de wildernis [=’deze wereld’] in brand zal worden gestoken +
zodat niemand erdoorheen trekt ;
want IEUE zegt :
omdat zij mijn wet verlaten die ik hen had voorgehouden ,
en niet luisteren naar mijn stem , en niet in haar wandelen ;
maar achter hun verharde hart aan gaan ,
als achter ‘de huidige heerschappij van de behemoth-realm’ [‘Mystery-Babylon’] aan , +
zoals hun vaderen hen dat geleerd hebben ;

 
15-16
thema : veel, veel mensen zullen zich midden in Op.8 bevinden – vanwege Ezau :
subthema : de ster ‘Alsem’ ;
therefore thus he-says ieue-of hosts Elohim-of ishral behold·me ! feeding·them
the·people the·this wormwood and·I-give-to-drink·them waters-of poison
and·I-scatter·them in·the·nations which not they-knew they and·fathers-of·them
and·I-send after·them the·sword until to-finish-of·me them
Therefore thus saith the LORD of hosts, the God of Israel; Behold, I will feed them,
[even] this people, with wormwood, and give them water of poison to drink.
I will scatter them also among the heathen, whom neither they nor their fathers have known:
and I will send a sword after them, till I have consumed them.

  • context : many, many people will find themselves to be in Rev. 8 – because of Esau :
    this is a most painful theme (also for us , and we treat it with caution) ;
    would scripture just have been translated as intended , whó would nót try escape
    this terrible scenario..? – everyone !
    but it shows how enormous is the grip of the present abstract consciousness ,
    that trying to tell (the version of the report) even to believers , you get that
    blank stare or plain Denial ; and when even the site is thoroughly shadow banned ,
    what option there is left to do for us ..? ;
  • B) wormwood ;
    the hebrew cluster don’t show much ;
    Greek 894 apsinthos can be a phonetic
    from Akkadian -apsu , -abzu , as their term
    for ‘sheol’, underworld ; the region between
    the eden-gate and moab gate (see diagram) ,
    in glyphs as ABT’U ;
    glyphs : as a previous ‘eden – star’ ,
    where this star must be glyph ÁAT’ –
    (to right,) the ‘name of a sky god’ writes
    “the divine. star. of the [previous] eden-hand
    (now as Damascus in the north]
    for vulture-rule. of hail” ; compare also
    the ‘a mythological locality’ with “city-glyph” ;
    while the lower position is a stepdown of ÁTEN ,
    the “sun with many rays as hands” which
    pharaoh Akhen-áten revered ;
    (in Rg-Veda ÁTEN is SivatR) ; you see next to
    ÁAT’EN a strange sigil like the lid of a pan ,
    which is an eden-region (glyph as ÁAT) ,
    showing this star is a fallen eden-concept ;

rpt
 
 

rpt
  • from ÁAT’ to T’UA -star : in still the same depiction is ÁAT’UA ‘to suffer’ (on top) ,
    as “the evil. imprisoned-eden-word. [by] the hand (Damuscus). for v-rule. of hail.”,
    so this star is related to (the eden-) word , and compare how this now corrupted star
    is making “waters bitter”, where ‘waters’ are consistently related to ‘eden-dimension’
    and to “words” ;
    the ÁA-T’UA is being inversed into T’UA , their main star (see right) as ‘morning star’,
    factually causing their matrix-morning , their dimension to rule ;

line ,
“therefore – thus – (he,) IEUE of – hosts / , the deity of – Ishral – says / :
behold me ! / feeding – these – people – wormwood / ,
and I will give them – poisoned – [eden-] water – to drink [=’per Revelation’] / ;
and I (cause) (that) they (will be) scattered – in=bý the nations [=’of spirits !’] +
which – they (do) not – know [about] / , and=nor (did) – their fathers / ,
and=for I will send – the sword – after them / until – I have exterminated – them / ;
daarom, zo zegt de Heer van de legermachten, de God van Israël :
zie, ik geef hun, dit volk, alsem te eten en galwater te drinken .
Ik zal hen verspreiden onder de heidenvolken, die zij en hun vaderen niet gekend hebben.
Ik zal het zwaard achter hen aan zenden, tot ik aan hen een einde gemaakt zal hebben.
     [=’dit is het uiteindelijke gevolg van Esau’s valse vertalingen –
     want welke gelovige wil Openbaring 8 meemaken…? Niemand !
     maar het laat zien HOE vast de greep van het abstracte bewustzijn is … ;
     lees ook Jes. 66 in deze context (wordt gepost) :]
“daarom , zo zegt IEUE van de legermachten , de godheid van Ishral :
zie , ik geef deze mensen alsem te eten ,
en zal hen giftig water [‘galwater’] te drinken geven      [=’per Openbaring 8’] ;
en zal hen verspreid laten worden dóor de volken           [=’van geesten !’] , +
welke zij niet kennen , noch hun vaderen ,
want ik zal het zwaard achter hen aan zenden , tot ik aan hen een einde gemaakt zal hebben ;

 
part III — deel III

 
17-18
hoofdstuk wisseling : nu over Eva , Adam en de naties :
thus he-says ieue-of hosts consider-you ! and·call-you ! for·the·dirging-women
and·they-shall-come and·for the·wise-women send-you ! and·they-shall-come
and·they-shall-hasten and·they-shall-lift-up over·us plaint and·they-shall-descend
eyes-of·us tear and·eyelids-of·us they-shall-flow waters
Thus saith the LORD of hosts, Consider ye, and call for the mourning women,
that they may come; and send for cunning [women], that they may come:
And let them make haste, and take up a wailing for us, that our eyes
may run down with tears, and our eyelids gush out with waters.

  • context : chapter turn : now about Eve , Adam and the nations :
    it took time to decode the mysterious second half of this chapter :

    • A) after “exterminate them” , the “situation on earth theme” has ended ,
      and is now juxtaposed against the other reality ;
    • B) this or these weeping persons are not humans on earth ,
      because in next lines it writes that this weeping “is heared from tsiun” –
      and though we had a chapter where indeed “women on earth should weep
      because of the impending destruction” (we opted the Church was intended) ,
      all the attributes here show that the weeping here is NOT on earth ;
    • C) it can hardly be about ús – where would we get any “lamenting women”
      when (apart from the 144) no-one accepts the report , anyway..? ;
    • D) the weeping here is juxtaposed against similar weeping in lines 1-2 ;
      contextually it don’t make Sense that “cunning women can make God weep”
  • I) identifying the wailing one :
    discern you ! : always said to us , as “read attentively !”, same term as in Haggai 2 ;
    one lamenting : just as verb , interlinear added ‘woman’ because of next lines ;
    she went : the personal pronouns are a Mess in this section ;
    it must have written “the-one-lamenting and-she-went” ;
    wise [woman] : the ‘wise’ always means “knowing God”,
    send / stretch out : literally ‘to extend’ in several forms ;
    presumably intended to avoid the “touching (or telling) [serpent-way]” ,

line ,
“thus – (he,) IEUE of – hosts [‘eden-dimension’] – says / :
consider [‘and discern’] you ! [=’we’] / , and name you ! +
(for=as) the one lamenting / and=when she went [=’out from paradise’] / ,
and – reach you ! – for=to – the wise [woman] – and=that went [=’out from paradise] / ;
     [=’in previous lines we have to discern this is about Eve’ :]
and let her make haste / and lift up – a wailing – for=over us=themselves / ,
and=so (that) – tears – shall descend – [from] our=her eyes / ,
and – water – shall flow – [from] our=her eyelids / ;
Zo zegt de Heer van de legermachten : let op en roep de klaagvrouwen, dat ze komen,
stuur boden naar de kundige vrouwen , dat zij komen ,
en laten zij zich haasten en over ons een rouwklacht aanheffen , zodat de tranen
uit onze ogen naar beneden stromen , en onze oogleden van water vloeien .

[over Eva ; zie noten in Engels :]
“zo zegt IEUE van de legermachten [‘eden-dimensie’] :
heb inzicht , u !
[=’wij’] , en noemt u ! +
degene die huilde toen
zij wegging [=’uit het paradijs’] ,
en reik uit ! naar de wijze [=’God kennend’] [vrouw] die wegging [=’uit het paradijs’] ;
en laat
zij zich haasten en over henzelf een rouwklacht aanheffen ,
zodat de tranen van
haar ogen naar beneden zullen stromen ,
en water van
haar oogleden zal vloeien ;

 
19-20-21
that sound-of plaint he-is-heard from·tziun how ! we-are-devastated we-are-ashamed
utterly that we-forsake land that they-flung tabernacles-of·us that hear-you ! women
word-of ieue and·she-shall-take ear-of·you word-of mouth-of·him and·teach-you !
daughters-of·you plaint and·woman associate-of·her dirge that he-ascended death
in·windows-of·us he-entered in·citadels-of·us to·to-cut-off-of unweaned-child
from·street choice-young-men from·squares
For a voice of wailing is heard out of Zion, How are we spoiled! we are greatly confounded,
because we have forsaken the land, because our dwellings have cast [us] out. Yet hear
the word of the LORD, O ye women, and let your ear receive the word of his mouth,
and teach your daughters wailing, and every one her neighbour lamentation.
For death is come up into our windows, [and] is entered into our palaces,
to cut off the children from without, [and] the young men from the streets.

  • context : Eve (feminine) and the Cross (masculine) : it does not appear from
    these lines that she dies – and we neither saw that in any other chapters ,
    yet Adam will be slain (‘by spirits’, in another chapter) ;
    which makes us wonder why masculine has to die – compare Christ ;
    is it because ‘feminine’ is the ‘inside’ of masculine ? , see next lines ;
    playout : respect for you love , carrying this unbearable playout ..

line ,
“that=then – the voice of – wailing – (shall be) heared – from tsiun [=’eden-residence’] / :
how – devastated we (are) ! / ,
we (are) – utterly – ashamed – that – we forsook – the [eden-] land / ,
that – our tabernacle [=’eden-house’] – (was) flung out / ;
that=thus / hear you ! / (you) woman [=’Eve’] / the word [in right direction] of – IEUE / ,
and – your ear – shall receive – the word [in right direction] of – his mouth / ;
and teach you ! / your daughters [=’female Originals as per Amos’?’] / wailing / ,
and [every] woman – her associate – lamentation / ;
      [=note how Eve , the name having ‘eden-life’ as root , causes “death”
     in the next lines , when she will understand what she has done ;
     and she will understand that through the words God tells her :]

that=then – death – will ascend – into the windows [=’like the last plague in Egypt’] / , +
and will enter – into the citadels / ,
to=for to cut off – the children [=‘of spirits’] – from the streets , +
and the young men – from the squares / ;
Want uit Sion wordt het geluid van een rouwklacht gehoord : hoe zijn wij verwoest !
Wij schamen ons diep , omdat wij het land hebben moeten verlaten ,
omdat zij onze woningen omvergeworpen hebben .
Hoor dan het woord van de Heer, vrouwen, laat uw oor het woord uit zijn mond vernemen.
Leer uw dochters een rouwklacht, elke vrouw haar vriendin een klaaglied ,
want de dood is onze vensters binnengeklommen , onze paleizen binnengeklommen ,
om de kleine kinderen van de straat uit te roeien, de jongemannen van de pleinen .

“dan zal de huilende stem worden gehoord uit tsiun [=’eden-residentie’] :
wij zijn compleet gebroken ! ,
wij schamen ons diep dat wij het [eden-] land verlaten hebben ,
dat onze tabernakel [=’eden-huis’] werd uitgeworpen ;
dus hoor ! , (u) vrouw [=’Eva’] het woord [in goede richting] van IEUE ,
en uw oor zal het woord uit zijn mond vernemen ;
en leer uw dochters [=’vrouwelijke Originelen, per Amos’?] rouwklagen ,
en (elke) vrouw haar vriendin een klaaglied ;

     [=merk op hoe Eva , de naam met wortel ‘eden-leven’ , “dood” veroorzaakt
     in de volgende zinnen , zodra zij begrijpt wat zij gedaan heeft ;
     en zij zal dat begrijpen vanwege de woorden die God haar zegt :]
dan zal de dood de vensters binnenklimmen [=’zoals de laatste plaag in Egypte’] , +
en zal de paleizen binnengaan ,
om de kinderen [=’van geesten’] af te snijden van de straten ,
en de jongemannen van de pleinen ;

 
part IV — deel IV

 
22-23-24
slot : het dode lichaam van Adam : “waar het dode lichaam is zijn de arenden” (Mt.24) :
speak-you ! thus averment-of ieue and·she-falls carcass-of e·adm the·human as·manure
on surfaces-of the·field and·as·sheaf from·after the·one-reaping and·there-is-no
one-gathering thus he-says ieue must-not-be he-is-boasting wise-one in·wisdom-of·him
and·must-not-be he-is-boasting the·masterful-one in·mastery-of·him must-not-be
he-is-boasting rich-one in·riches-of·him but rather in·this he-shall-boast the·one-boasting
to-use-intelligence and·to-know me that I ieue one-doing kindness judgment and·justice
in·the·earth that in·these I-delight averment-of ieue
Speak, Thus saith the LORD, Even the carcases of men shall fall as dung upon the open field,
and as the handful after the harvestman, and none shall gather [them]. Thus saith the LORD,
Let not the wise [man] glory in his wisdom, neither let the mighty [man] glory in his might,
let not the rich [man] glory in his riches: But let him that glorieth glory in this, that he
understandeth and knoweth me, that I [am] the LORD which exercise lovingkindness, judgment,
and righteousness, in the earth: for in these [things] I delight, saith the LORD.

  • closing : the carcass of Adam , and “where the carcass is , are the eagles” (Mt. 24) :
    the disciples asked “when will all these things happen ?” (the days of the end) ,
    where Christ said “where the dead body is , will be the eagle(s)” ;
    several times we saw how the 144,000 are “the eagle” getting out of Moab [this matrix] ,
    and also “that they will encounter Adam” (still needs be posted) ;
    vultures = eagles : the Greek word is used for one of the four cherubs ,
    therefore can never be the negative ‘vulture’ ;
  • I) text : as manure on the field – juxtaposed to chapter 8 :
    this cannot be “about them spirits” because those “will be destroyed as chaff” ;
    and though we saw that Adam dies , the line is a bit a mysterious —
    it does not write ‘bones’ here , yet a type corrupted body must be intended ;
    own wisdom : clearly juxtaposed against wisdom by knowing God ,

line ,
“speak you ! [in right direction] [=’we’] / (as) thus / , (is) the declaration of – IEUE / :
the carcass of – the Adm-man – (will) fall – as manure – on – the surface of – the field / ,
as=like – a sheaf – after – the one reaping / , and there-(will be)-no – one gathering” / ;
thus / (he,) IEUE – says / :
(it) must not be / (that) the wise one [=Adam] – is boasting – in his (own) wisdom / ,
and (it) must not be / (that) the skilled one= – boasts – in his (own) skills / ,
nor must (it) be / (that) the rich one – is boasting – in his riches / ;
but – instead / , let the boasting one – boast – (of having) insight – and=by knowing – mé / ,
that – I (am) – IEUE – (who) does – kindness / , justice / and right / in the land / ,
that=because / I delight – in these / , (is) the declaration of – IEUE / ;
Spreek : zo spreekt de Heer :
de dode lichamen van de mensen liggen als mest op het open veld ,
als een graanschoof achter de maaier, die niemand verzameld .
Zo zegt de Heer : laat een wijze zich niet beroemen op zijn wijsheid ,
laat de held zich niet beroemen op zijn sterkte ,
laat een rijke zich niet beroemen op zijn rijkdom .
Maar laat wie zich beroemt, zich daarop beroemen dat hij begrijpt en mij kent
dat ik de Heer ben, die goedertierenheid bewijs, recht en gerechtigheid doe ,
want in die dingen vind ik vreugde , spreekt de Heer .

“spreekt u ! [=’wij’] ; in goede richting] als volgt , is de verklaring van IEUE :
het dode lichaam van de
Adm-man zal neervallen als mest op de oppervlakte van het veld ,
als een graanschoof achter de maaier, en er-zal niemand verzamelen” [=’vgl. hoofdstuk 8’] ;
zo zegt IEUE : het moet niet zijn dat de wijze [=Adam] zich beroemt op zijn (eigen) wijsheid ,
en het moet niet zijn dat de vakman zich beroemt op zijn (eigen) vakmanschap ,
noch moet het zijn dat een rijke zich beroemt op zijn rijkdom ;
maar laat wie zich beroemt , zich daarop beroemen dat hij inzicht heeft door mij te kennen ,
dat ik IEUE ben , die vriendelijkheid , recht en gerechtigheid bewijs in het land ,
want in die (dingen) vind ik vreugde , is de verklaring van IEUE ;

 
25-26
zowel alle geesten als alle mensen geoordeeld – maar niet de 144,000 :
behold ! days ones-coming averment-of ieue and·I-note on every-of
one-being-circumcised in·foreskin on Egypt and·on Judah and·on Edom and·on
sons-of Ammon and·on Moab and·on all-of ones-cutting-away-of edge-of-their-hair
the·ones-dwelling in·the·wilderness that all-of the·nations uncircumcised-ones
and·all-of house-of ishral uncircumcised-ones-of heart
Behold, the days come, saith the LORD, that I will punish all [them which are] circumcised
with the uncircumcised; Egypt, and Judah, and Edom, and the children of Ammon, and Moab,
and all [that are] in the utmost corners, that dwell in the wilderness: for all [these] nations
[are] uncircumcised, and all the house of Israel [are] uncircumcised in the heart.
‘circumcised’ , H4135 mul ‘circumcised’ ;

  • ‘uncircumcised’ , H6190 orl-ah ‘foreskin’ , by extention uncircumcised 1x ; [note -im]
    in second instance , “orlim = uncircumcised-ones” ;
  • context : all spirits and all humans judged – but not the 144,000 :
    yes we know the lines in the NT where believers don’t need any literal circumcision
    anymore because of believing ,
    but here plays the difference between “the legal” and the “de facto” again ,
    shown in the addition “circumcised of héart”, related to the expression
    “I will give them a new heart” ;
    (have) come : we took the legal liberty to place it in present-time ;

line ,
“behold ! / , the days – (have) come / , (is) the declaration of – IEUE / ,
and=that I visit [‘to judge’] – on=upon – all – the ones being circumcised +
[+and] in=upon the uncircumcised
      [=’all spirits ; as well as believers and unbelievers on earth’] / :
upon Egypt                          [=’field of reeds, north’] / +
and upon – Judah               [=‘this world’] / +
and upon – Edom               [=’this solarplane’] / +
and upon – the sons of – Ammon        [=’BA-bird spirit-souls’] / +
and upon – Moab       [=’corrupted eden-house , red cube’] / ,
——————–
and upon – all – the ones (by?) the chopped-off – corner [=’of eden-house’?] / ,
(being) the ones dwelling – in the wilderness [=’north’]
/ ,       [unclear concept]
——————-
that=because / (they) all / (are) uncircumcised – nations , +
and=but the whole – house – Ishral [‘144,000’] / (will be) the uncircumcised ones of – heart / .
Zie, er komen dagen, spreekt de Heer,
dat ik elke besnedene en die de voorhuid heeft, zal straffen , namelijk Egypte en Juda ,
Edom en de Ammonieten, Moab en al die kaalgeschoren zijn aan hun slapen,
die in de woestijnen wonen . Want alle heidenvolken zijn onbesneden ,
maar heel het huis van Israël is onbesneden van hart .

“zie , de dagen zijn gekomen , is de verklaring van IEUE ,
dat ik alle besnedenen en onbesnedenen zal bezoeken [=’om te oordelen’]
      [=’alle geesten ; en zowel gelovigen als ongelovigen op aarde’] :
Egypte           [=’veld van rieten’ in het noorden’] ,
en Judah       [=’deze wereld’] ,
en Edom       [=’dit zonnestelsel’] ,
en de zonen van Ammon       [=’BA-vogel geesten-zielen’] ,
en Moab       [=’het nu corrupte eden-huis ; rode kubus’] ,
——————-
en op allen die zijn door (?) de afgehakte hoek [=’van het eden-huis’?] ,
als degenen die in de wildernis verblijven [=’in het noorden’] ;       [onduidelijk concept]
——————
want zij allen zijn onbesneden naties ,
maar het hele huis Ishral [=’144,000’] zullen de onbesnedenen van hart zijn .

 
we understood the chapter , Sir


 
10.09.19 — submitted — first version — hetreport