Jes.64 : na de beschrijving
hóe gevangen de ziel is op aarde
– zeg maar ‘in lockdown’ (!) –
de roep aan God om te handelen
(eindtijd – goed leesbaar)
[2020]

 

chapter context :
following upon previous (very corrupted) chapter 63
describing the imprisonment [lockdown!] of souls on earth ,
here the actual call of the souls is presented ,
as the call towards God “to remember and to act again” ,
as so to bring about Eden’s reality

a large ‘theological issue’ here :
the difference between “the mindset of reading the new testament”
and the concept of “God acting – so Eden’s reality will return” (as this chapter)

… we saw in many chapters now how “God will act” and “remember (to act)”
only when the important theme of “the return to Eden’s reality” is understood by us –
this theme is termed in prophets “the everlasting covenant” and “the Law” :
and “the return” is the completion of the theme of the new testament : not an opposite ,
this chapter needs to be read as the call fór that completion ;
many modern believers respond by reflex , “but Jesus has … (fill in any quote)”,
not understanding that “personal salvation” is but HALF of the whole story :
the OTHER HALF is the return of all souls to the restored Eden
…. and (also) this chapter is about ‘that other half of the whole story’…..
chapter note : overall context + subject makes Sense by now ;
very readable ; first version , likely definitive ;
partly corrupted , while it has the same strange syntax as chapter 63
(the strange syntax likely becáuse of corruptions) ;
note #2: the new consciousness greatly hinders forming a translation ,
tough to spot the overall red line ; see logs 25-28 march ;

 

Hoofdstuk context :
… na de beschrijving (in het vorige , zwaar gecorrumpeerde hoofdstuk 63)
hoe vreselijk gevangen de adm-ziel is op deze aarde – vgl. de term lockdown ! –
beschrijft dit hoofdstuk de oproep van de zielen aan God “om te handelen” ,
dat is , “om de werkelijkheid van eden terug te brengen”

 

het “moderne nieuw-testamentisch denken” versus dit hoofdstuk
… veel gelovigen vandaag – die geen weet hebben van de andere werkelijkheid
waarvan God in alle profeten oproept om die te gaan zoeken ,
zullen steigeren en in een reflex verklaren “… maar Jezus heeft.. (vul maar in)” ;
niet begrijpend dat Christus’ werk (slechts) “een persoonlijke verlossing biedt”,
en dat persoonlijke verlossing eigenlijk de HELFT van het hele verhaal betreft

 

… zij verwarren die ene (belangrijke!) persoonlijke eerste helft
met de ándere Legale helft die nog moet worden uitgevoerd :
namelijk de terugkeer van alle zielen in het paradijs in de andere werkelijkheid ,
en dit laatste is wat God constant herhaalt in alle profeten
(en noemt de terugkeer zelfs “het eeuwige verbond” en “de Wet” !) ,
als de vervulling van het hele thema in het nieuwe testament :
dit hoofdstuk moet gelezen worden als de roep voor die vervulling

 
opmerking :
algehele context + subject als logisch geheel nu ;
eerste versie ; waarschijnlijk definitief ; ietwat moeilijk hoofdstuk ;
gedeeltelijk gecorrumpeerd (dezelfde vreemde syntax veroorzakend als hoofdstuk 63) ;
moeilijk om de hoofdlijn te vinden vanwege dat nieuwe bewustzijn (zie logs 25-28 maart)

 
opzet van de verzen :

  • – Engels volgens Westminster codex
  • – Engelse vertaling van eerstgenoemde
  • – Eventuele begrippen en context van zin
  • – Onze vertaling en context ; uitgebreider
    noten Akk. Sanskrit, glyphs, zie hoofdsite
  • – Nederlandse vertaling , meestal woordelijk
    overgenomen van herzienestatenvertaling nl ,
    vanwege leesbaarheid hoofdletters opgeofferd
  • – Nederlandse vertaling in context van het Report

Alles samen om een zo goed mogelijke woordkleur te vinden ;
context tussen hoekige […] , syntax tussen ronde (….) geplaatst

Jesaja 64

1-2
… Jesaja beschrijft de kracht van God om ons te ontzetten :
o-that you-tear heavens you-descend from·faces-of·you mountains they-flow
as·to-kindle-of fire meltings waters she-is-extruding fire to·to-make-known-of
name-of·you to·foes-of·you from·faces-of·you nations they-are-being-disturbed
Oh that thou wouldest rend the heavens, that thou wouldest come down, that the mountains
might flow down at thy presence, As [when] the melting fire burneth, the fire causeth the waters to
boil, to make thy name known to thine adversaries, [that] the nations may tremble at thy presence!

‘melting’ , H2003 hemes ‘brushwood’ 1x ; no other root , -ham+ cluster ‘roaring’ etc ? ;
‘boil’ , H1158 baah ‘to enquire 1x , tos well up, boil ; search out (hidden things) 1x ; unclear ;

  • context : … Isaiah describes the power of God which can set us free :
    … as following upon chapter 63 ;

line ,

  • [=’after the hopeless situation of the souls on earth (in previous chapter 63)
    it makes sense here that Isaiah desires that God would act  —
    we interpret these lines 1-2 as “happening in the evil matrix reality” ,
    since the souls on earth are completely unaware of that possible power display ,
    per next lines 3-4 :]

“[=if] – you (just) (would) rend – the heavens , [+and] you (would) descend ,
[+so] the [matrix-] mountains – (would) quake – from=at your presence ;
———————-
(as=by?) (…to kindle?…) – (…the roaring?…) – (fire?) ,                            [unsure / corrupted]
[+as?] (… the fire?…) – (… making to boil?…) – (… the sea?…) [=’matrix-dimension’] ,
———————-
to=in (order) (to make) – your name – known – to your enemies] [=’matrix / spirits’] ,
[+as] [=the nations] [=’of spirits’]  – (who would) tremble – from=in front of you ;

Och , dat u de hemel zou openscheuren , dat u zou neerdalen ,
dat de bergen voor uw aangezicht zouden wegsmelten , zoals vuur kreupelhout aansteekt ,
en vuur het water laat opborrelen , om uw naam aan uw tegenstanders bekend te maken !
Laat zo de heidenvolken voor uw aangezicht sidderen !

  • [=’na de hopeloze situatie van de zielen op aarde (in vorig hoofdstuk 63)
    is het heel wel mogelijk dat Jesaja verlangt dat God gaat ingrijpen  —
    we interpreteren deze zinnen 1-2 als “zich afspelend in de kwade matrix dimensie” ,
    omdat de zielen op aarde totaal niet bewust zijn van die mogelijke vertoning van kracht ,
    per volgende zinnen 3-4 :]

“wanneer u (toch) de hemel zou openscheuren , [+en] u zou afdalen ,
[+zodat] de [matrix-] bergen zouden sidderen voor uw aangezicht ;
———————                                                    
(als=om?) (… het laaiende?…) – (…vuur?) – (… aan te steken?…) ,          [onduidelijk / corrupt]
[+als?] (… het vuur?…) – (… dat de zee?…) [=’matrix-dimensie’] – (… zou laten koken?…) ,
———————
om uw naam aan uw tegenstanders [=’matrix / geesten’] bekend te maken ,
[+als] de naties [=’van geesten’] die zouden sidderen voor uw aangezicht ;

 
part II   —   deel II
 

3-4
… maar de adm-zielen op aarde zijn ‘duf’ geworden – en vrágen niet :
in·to-do-of·you things-being-fearful not we-are-expecting you-descend
from·faces-of·you mountains they-flow and·from·eon not they-heard not they-gave-ear
eye not she-saw Elohim except·you he-is-doing for·one-tarrying-of for·him
When thou didst terrible things [which] we looked not for, thou camest down,
the mountains flowed down at thy presence. For since the beginning of the world [men] have
not heard, nor perceived by the ear, neither hath the eye seen, O God, beside thee,
[what] he hath prepared for him that waiteth for him.

  • context : … but the adm-souls on earth have become ‘dull’ – and do not inqúire :
    … and if they won’t enquire , God won’t act ;

line ,

  • [=’important :
    these lines address the change of our reality (compare introduction above) ,
    and do NOT describe aspects of the “common accepted new-testamentic mindset” ;
    note how the lines describe “the REAL encounter with the deity” ,
    not mere ‘a belief in Christ – which is however very often an abstraction , these days’ :]

“you (would) do – fearful (things) – [=if] – we (would) wait [+for you] ,
you (would) descend ,
[+so] [=your people (erm=om)] – [=would know] – your presence ;
and=but from=since a long time – they (do) – not – ‘hear’ ,
they (do) – not – give ear , [+and] [+their] eyes – (do) not – ‘see’ – [=their] deity ;
you (will) only – do [+that] – for=when the ones (will go) wait – for [=you] :       +

Toen u ontzagwekkende dingen deed , die wij niet verwachtten , daalde u neer ;
voor uw aangezicht smolten de bergen weg .
Ja , van oude tijden af heeft men het niet gehoord , men heeft het niet ter ore genomen
en geen oog heeft het gezien , behalve u , o God , wat hij doen zal voor wie op hem wacht .

  • [=’belangrijk :
    deze zinnen adresseren de verandering van onze werkelijkheid (zie introductie Engels) ,
    en NIET de aspecten van “de algemeen aanvaarde interpretatie van het nieuwe-testament” ;
    vergelijk ook hoe hier “een WERKELIJKE ontmoeting met de godheid” wordt bedoelt ,
    niet een slechts ‘het geloof in Christus – wat vandaag erg vaak een abstractie is’ :]

“u zou ontzagwekkende (dingen) doen [=indien] wij zouden wachten [+op u] ,
u zou afdalen ,
[+zodat] [=uw mensen (erm=om)] uw aanwezigheid zouden [=kennen] ;
[=maar] [=sinds] lange tijd ‘horen’ zij niet ,
zij nemen niet ter ore , [+en] [+hun] ogen ‘zien’ [+hun] godheid niet ;
u zult [+dat] alleen doen wanneer degenen op u (gaan) wachten :       +

 
5-6-7
… hetzelfde verschil nog verder uitgelegd :
       (we interpreteren dat ook ‘zij die in Christus geloven’ op de “nieuw-testamentische manier”
       aangesproken worden in zin 6 en 7)
you-come-on one-being-elated and·one-doing-of righteousness in·ways-of·you
they-are-remembering·you behold ! you you-are-wroth and·we-are-sinning in·them
eon and·we-shall-be-saved and·we-are-becoming as·the·unclean all-of·us and·as·cloak-of
ornaments all-of righteousnesses-of·us and·we-are-decaying as·the·leaf all-of·us
and·depravities-of·us as·the·wind they-are-carrying-away·us and·there-is-no one-calling
in·name-of·you one-rousing-himself to·to-chold-fast-of in·you that you-conceal faces-of·you
from·us and·you-are-dissolving·us in·hand-of depravity-of·us
Thou meetest him that rejoiceth and worketh righteousness, [those that] remember thee in thy ways:
behold, thou art wroth; for we have sinned: in those is continuance, and we shall be saved.

But we are all as an unclean [thing], and all our righteousnesses [are] as filthy rags; and we all do
fade as a leaf; and our iniquities, like the wind, have taken us away. And [there is] none that calleth
upon thy name, that stirreth up himself to take hold of thee: for thou hast hid thy face from us,

and hast consumed us, because of our iniquities.

  • context : … the same difference further explained :
    (we interpret that also ‘they who believe in Christ’ in “the new-testamentic manner”
    are being addressed in line 6 and 7)

… the reason that we chose past-tense by “had become unclean”
is solemly because of the buildup of the chapter – and because we DID find it ;
not because “we feel clean , now” : in spite of completely believing in Christ ,
there is no way to express how dirty we feel to have to live in this apebody …
(which explains our stance about “the new testament mindset” VS “the other reality theme”)
line ,

  • [=’note how “the right thing” in prophets is always the context of “searching the other reality” ,
    it does NOT adress here  ‘a (mere) personally being saved – namely by believing in Christ’ ,
    because , though the latter is true it is only HALF of the entire story  —
    hence the “being saved” which Isaiah adresses must be “from this EARTH REALITY” :]

“you (will) approach – the ones (who) rejoice ,
[+namely] and=as the ones doing – the right thing ,                      [=’to search the other reality !’]
in=for – they (will have) remembered – your ways ;                         [=’your way : to search eden’]
behold ! ,
you – (have been) angry – and=that we (have been) sinning [=’corrupt eden-life’] – (all) the time ,
and=therefore we (were) – not – saved :                                           [=’read : saved from this earth’]
and=for – all of us – (had) become – unclean ,
and – all – our righteousness – (was) as=like – a filthy – garment ,        
all of us – (were) fading – as=like a leaf ,
and our depravity – took away – [=our] spirit ;
and=for there-was-no – one calling – in=upon your name ,       [=’in context of the other reality’]
[+or] stirring (himself) up – to=for to keep hold of – you ,
that=therefore – you concealed – your face – from us ,
and=so (that) we [=withered] – [+from] the depravity – in=by [+our] (own) hand ; 

U ontmoet wie zich in u verblijdt , wie gerechtigheid doet ,
wie op uw wegen aan u blijven denken .
Zie, u was zeer toornig , want wij hadden gezondigd .
Maar in deze wegen is de eeuwigheid en zouden wij verlost zijn geweest .
Echter, wij zijn allen als een onreine, al onze rechtvaardige daden zijn als een bezoedeld kleed
wij allen vallen af als een blad en onze misdaden voeren ons weg als de wind .
Er is niemand die uw naam aanroept, die zich beijvert om u vast te grijpen , want u verbergt
uw aangezicht voor ons en u doet ons wegkwijnen in de greep van onze ongerechtigheden .

  • [=’merk op hoe “het juiste doen” in de profeten altijd de context heeft
    van “het zoeken naar de andere werkelijkheid” : er wordt hier NIET
    een ‘slechts persoonlijke redding gepropageerd – namelijk door in Christus te geloven’ ,
    omdat , hoewel het laatste natuurlijk waar is , het nog steeds de HELFT van het verhaal is ;
    vandaar dat het “[+niet] gered zijn” dat Jesaja uitspreekt “het gered zijn van deze aarde” is :]

“u zult degenen naderen die zich verblijden ,
[+namelijk] [=als] degenen die het juiste doen ,                   [=’de andere werkelijkheid zoekend’]
want zij zullen zich uw wegen hebben herinnerd ;                      [=’uw weg : om eden te zoeken’]
zie , u bent toornig geweest omdat wij de (hele) tijd zondigden [=’corrupt eden-leven’] ,
[=daarom] werden wij [+niet] gered :                                                           [=’lees : van deze aarde’]
want wij waren allen als een onreine ,
en al onze rechtvaardige daden waren als een bezoedeld kleed ,
wij allen vielen af als een blad ,
en onze ongerechtigheid nam [=onze] geest weg ;
[=want] er-was niemand die uw naam aanriep ,         [=’in context van de andere werkelijkheid’]
[+of] (zich) beijverde om u vast te grijpen ,
[=daarom] verborg u uw aangezicht voor ons ,
[=zodat] wij wegkwijnden vanwege de ongerechtigheden door onze (eigen) hand [=’daden’] ;

 
part III   —   deel III

 
8-9
… de roep van adm-zielen (lees: ons) aan God om weer te gaan handelen :
and·now ieue father-of·us you we the·clay and·you one-forming-of·us
and·deed-of hand-of·you all-of·us must-not-be you-are-being-wrathful ieue unto excess
and·must-not-be for·future you-are-remembering depravity behold ! look-you ! please !
people-of·you all-of·us
But now, O LORD, thou [art] our father; we [are] the clay, and thou our potter;
and we all [are] the work of thy hand. Be not wroth very sore, O LORD, neither remember
iniquity for ever: behold, see, we beseech thee, we [are] all thy people.

  • context : … the call by adm-souls (read: us) towards God to go act again :
    … when God “will resume acting , eden will return” ;

line ,

  • [=’though Isaiah speaks for ALL to-be saved adm-souls , including us ,
    we interpret this to be our call – because of next lines 10-12 ,
    which describe the destroyed eden-land , as the theme most souls aren’t aware of :]

and=but now , IEUE , you (are) – our father ,
we (are) – the clay – and you – (are) the one (who) formed us
        [=’formed our Original ! , not “the present body we have now” , see index’] ,
and=for – all of us – (were) the work of – your hands ;
IEUE , (it) must not be – (that) you (would stay) – exceedingly – wrathful ,
and (it) must not be – (that) you (would) remember – [+our] depravity – forever ;
behold ! , watch – please ! , all of us [=’all to-be saved souls’] – (are) your people :       +        

Maar nu , Heer , u bent onze vader !
Wij zijn het leem en u bent onze pottenbakker : wij zijn allen het werk van uw handen .
Heer, wees niet al te vertoornd en denk niet voor eeuwig aan de ongerechtigheid .
Zie, aanschouw toch , wij allen zijn uw volk .

  • [=’hoewel Jesaja hier spreekt namens ALLE zielen die gered worden , inclusief wij ,
    interpreteren we dat dit onze oproep is – vanwege volgende zinnen 10-12 ,
    die het vernietigde eden-land beschrijven – als het thema dat veel zielen onbekend is :]

“maar nu , IEUE , u bent onze vader ,
wij zijn de klei en u bent degene die ons heeft gevormd
[=’ons Origineel heeft gevormd ! , niet “het huidige lichaam dat we hebben”, zie index’] ,
want wij waren allen het werk van uw handen ;
IEUE , het moet niet zijn (dat) u ontzettend toornig zou blijven ,
en het moet niet zijn (dat) u zich altijd [+onze] ongerechtigheden zou herinneren ;
zie , aanschouw alstublieft ! , wij allen [=’alle zielen die gered worden’] zijn uw mensen :

 
10-11-12
… opdat alle geredde zielen – in hun nieuwe lichaam – weer in Eden zullen wonen :
cities-of holiness-of·you they-become wilderness tziun wilderness she-becomes
Jerusalem desolation house-of holiness-of·us and·beauty-of·us which they-praised·you
fathers-of·us he-became to·burned-of fire and·all-of coveted-things-of·us he-became
to·deserted ?·on these you-shall-check-yourself ieue you-shall-hush
and·you-shall-humiliate·us unto excess
Thy holy cities are a wilderness, Zion is a wilderness, Jerusalem a desolation. Our holy and our beautiful house, where our fathers praised thee, is burned up with fire: and all our pleasant things
are laid waste. Wilt thou refrain thyself for these [things], O LORD? wilt thou hold thy peace,
and afflict us very sore?

  • context : … so that all saved souls – in their new body – will dwell in Eden again :
    … Isaiah definitely speaks for us here ;
  • our fathers = our father and mother = Adam and Eve :
    … Esau corrupted it into ‘fathers’,
    thereby suggesting that ‘the house’ is “the temple in earthly Jerusalem before Isaiah’s time”
    (and he succeeded , because all commentaries have a tough one on explaining this line) ;
    but since the context is Paradise , ‘the praising ones’ can only have been Adam and Eve  —
    scripture does not use the “parents” term but always the dual “father and mother” ;
  • humiliate :
    … we opt that the term was not intended as active ,
    since it is óur humiliation to have fallen out of paradise ;
  • tsiun = land + capital :
    … previous “cities + tsiun + Jerusalem (as city)” is a wrong lineup ,

line ,
“your sacred – [=tsiun] [=’eden-residence’] – became – a wilderness ,                                
[+because] [=the [eden-] land] – (is) a wilderness – [+and] Jerusalem – became – desolate :
our sacred – and beautiful – house (-bth)       +
[+in] which – our father [+and mother] [=’Adam and Eve !’] – (have) praised you ,
(has) become – burned up – [+by] fire , and all – our desirable things – (have) been – ruined ;
IEUE , [+why] (would) you restrain (yourself) – considered – these (things) , and stay inactive ,
(letting) us (to keep being) – so terribly – humiliated [=’being upon this earth’] ? .

Uw heilige steden zijn een woestijn geworden .
Sion is een woestijn geworden , Jeruzalem een woestenij .
Ons heilig , luisterrijk huis , waarin onze vaderen u prezen , is met vuur verbrand ;
alles wat ons dierbaar was , is tot een puinhoop geworden .
Heer , zou u zich om al deze dingen inhouden ?
Zou u zwijgen en ons al te zeer neerdrukken ?

“uw heilig [=tsiun] [=’eden-residentie’] is een wildernis geworden ,
[+want] [=het [eden-] land] is een wildernis , [+en] Jeruzalem is desolaat geworden :
ons heilige en prachtige huis ,       +
waarin onze vader [+en moeder] [=’Adam en Eva !’] u hebben geprezen ,     +
is met vuur verbrand , en alles wat ons dierbaar was is geruïneerd ;
IEUE , [+waarom] zou u (zich) om al deze (dingen) inhouden , en passief blijven ,
[+en] ons zo vreselijk vernederd laten blijven [=’op deze aarde verblijvend’] ? .

 


 
29.03.2020   —   submitted   —   first version   —   hetreport                 [likely definitive]