Mal. 1 : het Verbond :
wie van u zonen
sluit de eden-poort
(opdat de eden-dimensie
weer kan beginnen) ?
[actueel]
(eindtijd – goed leesbaar)
[2020]

 


griefandmourning com
chapter context :
titled : who of you sons will close
the eden-gate , so that the eden-dimension
will start again ? ;
introduction –
God desires a certain gift from the sons
which in next chapters will be explained
as ‘understanding the context of prophets’ ;
(see for ‘gate’ theme Jer.2, Jer.46 ; Is.44 etc)

note : very readable , second version and
definitive , after much cleanup ;
partly corrupted –

 

Hoofdstuk context :
introductie tot Malachi 2 tot 4 ;
… God verlangt een bepaalde gift van de zonen , waar in de volgende hoofdstukken
deze gift zal worden verklaard als “het begrijpen van de context van profeten”;
(zie voor het ‘poort’ thema Jer.2 , Jer. 46 , Is. 44 , etc) ;

 
opmerking :
goed leesbaar ; als tweede en tegelijk definitieve versie , na veel opruimen ;
gedeeltelijk gecorrumpeerd –
 
opzet van de verzen :

  • – Engels volgens Westminster codex
  • – Engelse vertaling van eerstgenoemde
  • – Eventuele begrippen en context van zin
  • – Onze vertaling en context ; uitgebreider
    noten Akk. Sanskrit, glyphs, zie hoofdsite
  • – Nederlandse vertaling , meestal woordelijk
    overgenomen van herzienestatenvertaling nl ,
    vanwege leesbaarheid hoofdletters opgeofferd
  • – Nederlandse vertaling in context van het Report

Alles samen om een zo goed mogelijke woordkleur te vinden ;
context tussen hoekige […] , syntax tussen ronde (….) geplaatst

Malachi 1

1-2-3
introductie : … over de twee bestaande bloedlijnen :                          (ook vandaag)
load-of word-of ieue to ishral in·hand-of Malachi I-love you he-says ieue
and·you-say in·what ? you-love·us ?·not brother Esau to·Jacob averment-of ieue
and·I-am-loving Jacob and Esau I-hate and·I-shall-place mountains-of·him desolation
and allotment-of·him to·jackals-of wilderness
The burden of the word of the LORD to Israel by Malachi. I have loved you, saith the LORD.
Yet ye say, Wherein hast thou loved us? [Was] not Esau Jacob’s brother? saith the LORD:
yet I loved Jacob, And I hated Esau, and laid his mountains and his heritage waste
for the dragons of the wilderness.c

  • context : introduction : … about the two bloodlines :                             (also today)

line ,

  • [=’the terms “Esau” and “Canaan” are interchangable –
    we saw how these corrupted type adm-souls started to exist AFTER Eden fell ,
    so they do not ..’emanate’ from God but are a matrix product ;
    line :]

“the burden of – the word [in right direction] of – IEUE       +                          [=’unresolved situation’]
to=about – (..the double door?..) – (..becomes to..) – Malachi :                 [=’door = chapter theme’]

 
I love – you , says – IEUE ;
and=then you [=’Jacob’] say : wherein – (do) you love us ? ;    [=’Jacob : all to-be saved adm-souls’]

 
(is) not – Esau [=’corrupted adm-souls’] – the brother – [=of] Jacob ? ,
is the declaration of – IEUE ,
and – I love – Jacob ;         
and=but – I hate – Esau , and I (will) make – (..his [matrix-] territory..) – desolate ,             [=’line 4’]
and=as – his heritage – (which will be) a wilderness – [=for] jackals ;

(Opschrift)
Een last, het woord van de Heer tot Israël, door de dienst van Maleachi .
(Israël’s ondankbaarheid)
Ik heb u liefgehad, zegt de Heer, maar u zegt : waarin heeft u ons liefgehad ?
Was Ezau niet de broer van Jakob ? spreekt de Heer. Toch heb ik Jakob liefgehad ,
en Ezau heb ik gehaat . Ik heb zijn bergen gemaakt tot een woestenij ,
en zijn erfelijk bezit prijsgegeven aan de jakhalzen van de woestijn .

  • [=’de begrippen “Esau” en “Canaan” zijn inwisselbaar –
    we zagen hoe dit type corrupte adm-zielen ontstonden NA de val van Eden ,
    dus zij … ‘komen niet voort’ uit God maar zijn een matrix product ;
    zin :]

“de last van het woord [in goede richting] van IEUE      +                    [=’last = onopgeloste situatie’]
[=over] (..de dubbele deur?..) (..komt tot..) Malachi :             [=’dubbele deur = hoofdstuk thema’]

 
ik heb u lief , zegt IEUE ;
[=dan] zegt u [=’Jacob’] : waarin hebt u ons lief ? ;     [=’Jacob : alle adm-zielen die gered worden’]

 
is niet Esau [=’corrupte adm-zielen’] de broer van Jacob ? ,
is de verklaring van IEUE ,
en ik heb Jacob lief ;
[=maar] ik haat Esau , en zal zijn (..[matrix-] gebied..) desolaat maken ,                                [=’zin 4’]
[=als] zijn bezit die een wildernis [=voor] jakhalzen zal zijn ;

 
4-5
… Esau’s gebied in de andere werkelijkheid wordt vernietigd – ten gunste van Eden :
that she-shall-say Edom we-are-made-destitute and·we-shall-return
and·we-shall-build deserted-places thus he-says ieue-of hosts they they-shall-build
and·I I-shall-demolish and·they-call to·them boundary-of wickedness and·the·people
whom he-menaces ieue until eon and·eyes-of·you they-shall-see and·you you-shall-say
he-shall-be-great ieue from·over to·boundary-of ishral
Whereas Edom saith, We are impoverished, but we will return and build the desolate places;
thus saith the LORD of hosts, They shall build, but I will throw down; and they shall call them,
The border of wickedness, and, The people against whom the LORD hath indignation for ever.
And your eyes shall see, and ye shall say, The LORD will be magnified from the border of Israel.
‘impoverish’, H7567 rashash ‘impoverish, demolish’ 2x [head, start, gate, remnant, important] ;
‘throw down’ , H2040 haras ‘overthrow, throw down, break down’ ;

  • context : … Esau’s territory in the other reality destroyed – in favour of Eden :

line ,

  • [=’the regions Esau built : compare glyph H’EB “festival of completion of the solarplane”,
    where the Pharaoh’s described their journeys to their matrix-paradise within that
    (in Rg-Veda that paradise is called -svar ‘abode of the gods’) ; and compare Plato’s
    descriptions about this region – see also Jer. 2 (same gate theme , Jer 46 , etc ;
    2) the “furious” (-zm) , “because of the matrix connecting to eden” ;
    line :]

that=because – (..Esau..) – says :
(..(since) the beginning..) – we returned – [=to] the built up – wasteland [=’matrix region’] ;
thus – says – IEUE of – hosts :
they – (may have) built (it) , and=but I – (will) demolish (it) ;

 
and [=you] [=’Jacob’] (will) call it :
the wicked – territory       +
[=of] the people [=’Esau’] – whom – IEUE – (is) furious at – (..since..) – olden times ;

 
and=for your (own) eyes – (will) see (it) ,                                                                      [below was corrupt]
and you – (will) say :
IEUE – (has) magnified – (..his people..) (m=om)[eden-] Ishral – [=in] [+their] territory ;  [=’eden’]

Hoewel Edom zegt : als wij verwoest worden , bouwen wij de puinhopen weer op ,
zegt de Heer van de legermachten dit : zullen zíj bouwen, dan zal ík afbreken ,
en men zal hen noemen : goddeloos gebied , en : het volk waarop de Heer
tot in eeuwigheid toornig is . Uw eigen ogen zullen het zien, en u zult zelf zeggen :
groot is de Heer , tot over de grenzen van Israël !

  • [=’zie Engels

“[=omdat] (..Esau..) zegt :
(..(sinds) het begin..) zijn wij teruggekeerd [=naar] de opgebouwde woestenij [=’matrix-gebied’] ;
dus zegt IEUE van de legermachten :
zij mogen (het) gebouwd hebben , [=maar] ik zal (het) afbreken ;

 
en [=u] [=’Jacob’] zult het noemen :
het slechte gebied van de mensen [=’Esau’] op wie God woedend is [=sinds] oude tijden ;

 
[=want] uw eigen ogen zullen (het) zien ,                                                           [beneden was corrupt]
en u zult zeggen :
IEUE heeft (..zijn mensen..) [eden-] Ishral groot gemaakt [=op] [+hun] grondgebied ;     [=’eden’]
                                                

 
part II   —   deel II

 
6-7
… okee – maar (de zonen van) Jacob wordt gevraagd om die verandering te veróorzaken :
son he-is-glorifying father and·servant lords-of·him and·if father I where ?
glory-of·me and·if lords I where ? fear-of·me he-says ieue-of hosts to·you
the·priests ones-despising-of name-of·me and·you-say in·what ? we-despise name-of·you
ones-bringing-close on altar-of·me bread being-sullied and·you-say in·what ? we-sully·you
in·to-say-of·you table-of ieue being-despised he
A son honoureth [his] father, and a servant his master: if then I [be] a father, where [is]
mine honour? and if I [be] a master, where [is] my fear? saith the LORD of hosts unto you,
O priests, that despise my name. And ye say, Wherein have we despised thy name?
Ye offer polluted bread upon mine altar; and ye say, Wherein have we polluted thee?
In that ye say, The table of the LORD [is] contemptible.
‘polluted’ , H1351 gaal ‘pollute, defile, unclean’ ;
‘table’ , H7979 shulchan ‘table’ ;

  • context : … allright – but (the sons of) Jacob is asked to go cáuse that change :

line ,

  • [=’below 6-7 is important :
    the idea is not “that the priests wilfully present unclean gifts”  (why would they? ,
    besides the laws always repeat “a heifer without blemish..” etc) ,
    but the gifts “becóme polluted”, to explain the theme of this chapter ;
    hence the strange last line here “the table IS contempted” ;
    line

“a son – honours – [+his] father , and a servant – his master :
[=when] – I (am) – [+your] father – [+than] where (is) – [+your] respect (for) me ? ,
and – if – I (am) – [+your] lord – [+than] where (is) – [+your] fear of – me ? ,         +
says – IEUE of – hosts – to – the priests [=’sons’] – (who) regard – my name – with contempt ;

  • [=’above :
    though the setting is “priests” here , they represent “the sons” throughout Malachi :]

 
and=but you say :
[=by] what – (do) we treat – your name – with contempt ? ;
7 (..+for..) – [=you] approach [+me] – [+through] the polluted – bread – [=upon] – my (..table..) ;

 
and=then you say :                                                                                               [=’above : mzbch=shlch’]
[=by] what – (are) we (making) [=it] [=’bread’] polluted ? ;
and=because you say : the table of – IEUE – (is) [+nót] – regarded with contempt ;     [=’line 12’]

(bestraffing vanwege onheilige offers)
Een zoon eert zijn vader en een slaaf zijn heer. Als ik dan een vader ben ,
waar is de eerbied voor mij ? En als ik een Heer ben , waar is de vrees voor mij ?
zegt de Heer van de legermachten tegen u, priesters die mijn naam verachten .
Maar u zegt : waardoor verachten wij uw naam ?
Doordat u onrein brood op mijn altaar legt. En u zegt : waardoor maken wij u onrein ?
Doordat u zegt : de tafel van de Heer, die is verachtelijk .

  • [=’deze zin 6-7 is belangrijk :
    het idee is niet “dat de priesters bewust onreine giften geven” (waarom zouden zij ? ,
    bovendien herhaalt de wet altijd “een kalf zonder mankement…” etc) ,
    maar de giften “wórden verontreinigd”, om het thema van dit hoofdstuk duidelijk te maken ;
    vandaar de vreemde laatste zin “de tafel IS verontreinigd” ;
    zin :]

“een zoon eert [+zijn] vader , en een dienaar zijn meester :
[=indien] ik [+uw] vader ben , waar is [+dan] [+uw] respect voor mij ? ,
en indien ik [+uw] heer ben , waar is [+dan] [+uw] vrees voor mij ? ,       +
zegt IEUE van de legermachten tot de priesters [=’zonen’] die mijn naam verachten ;

  • [=’boven :
    hoewel de setting hier “priesters” is, representeren zij “de zonen” in Malachi hoofdstukken :]

 
[=maar] u zegt :                 
waarin verachten wij uw naam ? ;
7 [=omdat] [=u] [+mij] nadert [+vanwege] het vervuilde brood [=op] mijn [=tafel] ;

 
[=dan] zegt u :                                                                                               [=’boven : mzbch=shlch’]
[=waardoor] maken wij [=het] [=’brood’] vervuild ? ;
[=omdat] u zegt : de tafel van IEUE is [+niét] veracht ;                                            [=’zie zin 12’]   

 
8-9
… stop met “de giften van het eigen Ik” aan God te geven :
and·that you-are-bringing-close blind to·to-sacrifice-of there-is-no evil and·that
you-are-bringing-close lame and·one-being-ill there-is-no evil offer-you·him ! please !
to·viceroy-of·you ?·he-shall-accept·you or ?·he-shall-lift-up faces-of·you he-says ieue-of
hosts and·now beseech-you ! please ! faces-of El and·he-shall-be-gracious-to·us
from·hand-of·you she-became this ?·he-shall-lift-up from·you faces he-says ieue-of hosts
And if ye offer the blind for sacrifice, [is it] not evil? and if ye offer the lame and sick, [is it] not evil?
offer it now unto thy governor; will he be pleased with thee, or accept thy person? saith the LORD

of hosts. And now, I pray you, beseech God that he will be gracious unto us: this hath been
by your means: will he regard your persons? saith the LORD of hosts.

  • context : … stop giving to God “the gifts of the own Ego” :

line ,

  • [=’the reflex of us ‘modern people’ is to switch off when reading “animal + sacrifice”,
    but gifts can be anything – attending churchservice , any type good work , etc ;
    line :]

“and [=when] – you approach [+me] – [+with] a blind [-animal] – [=as] a sacrifice , is-it-not – evil ? ,
and=or approach [+me] – [+with] a crippled – [=or] an ill one , is-it-not – evil ? ;

 
present you [such-] one , please ! , to your governor :
(would) he accept [=it] , lifting up – [=his] countenance – [=over] (au=al) [+you] ? ,       [=’in favour’]
says – IEUE of – hosts ;

 
and=but (..instead..) (othe=thchth) – beseech you , please ! , the countenance of – [+your] deity ,
and=so [-that] he (can be) gracious to [=you] ;
[=for] – this – (can) happen – [=through] your (ówn) hand [=’doing’]        +                           [=’line 10’]
(that) he [=IEUE] (will) lift up – [+his] face – [=over] you ,                                                     [=’in favour’]
says – IEUE of – hosts ;        +

En als u een blind dier ten offer brengt : dat is niet erg ! En als u een kreupel of ziek dier
ten offer brengt : dat is niet erg ! Bied het maar eens aan uw landvoogd aan. Zou hij u
goedgezind zijn of u ter wille zijn ? Dit zegt de Heer van de legermachten .
Nu dan, tracht toch het aangezicht van God gunstig te stemmen, dat hij ons genadig zal zijn.
Dit gebeurt door uw hand : zou hij u ter wille zijn ? zegt de Heer van de legermachten .

“en [=wanneer] u [+mij] naderbij komt [+met] een blind [-dier] [=als] offer , is dat niet slecht ? ,
[=of] naderbij komt [+met] een kreupele [=of] een zieke , is dat niet slecht ? ;

 
presenteer [zo-] een (maar eens) aan uw landvoogd , alstublieft ! :
zou hij (het) accepteren , (en) zijn aangezicht [=over] [+u] opheffen ? ,              [=’u gunstig zijn’]
zegt IEUE van de legermachten ;

 
[=maar] (..in plaats daarvan..) , smeek , alstublieft ! , tot het aangezicht van [+uw] godheid ,
[=opdat] hij [=u] genadig kan zijn ;
[=want] dit kan gebeuren [=door] uw (éigen) hand [=’actie’]       +                                     [=’zin 10’]
(dat) hij [=IEUE] [+zijn] aangezicht [=over] u opheft ,                                                   [=’ten gunste’]
zegt IEUE van de legermachten ;

 
part III   —   deel III

 
10-11
… de zonen moeten God een bepaalde gift aanbieden die HIJ graag wil ontvangen :
who ? moreover in·you and·he-shall-lock double-doors and·not you-shall-light-up
altar-of·me gratuitously there-is-no to·me delight in·you he-says ieue-of hosts
and·present not I-shall-accept from·hand-of·you that from·sunrise-of sun and·unto
setting-of·him great name-of·me in·the·nations and·in·every-of place incense
being-brought-close to·name-of·me and·present clean that great name-of·me
in·the·nations he-says ieue-of hosts
Who [is there] even among you that would shut the doors [for nought]? neither do ye
kindle [fire] on mine altar for nought. I have no pleasure in you, saith the LORD of hosts,
neither will I accept an offering at your hand. For from the rising of the sun even unto
the going down of the same my name [shall be] great among the Gentiles; and in every
place incense [shall be] offered unto my name, and a pure offering: for my name
[shall be] great among the heathen, saith the LORD of hosts.
‘pure’ , H2889 tahor ‘clean, pure’ ; [-nq] ;

  • context : … the sons need to present God a certain gift which HE likes to receive :

line ,

  • [=’ofcourse the sons cannot literally close that door – God will do that ,
    but the required gift is “understanding prophets”, see next chapters 2-4 ;
    line :]

“who – (..among..) – you – (will cause) – the double door – (to be) closed ? , [=’dimensional-centre’]
[=as] – you (who) – (will) nót – (have) my altar [=’gate’] – to light up – [+for] free ? ;  [=’in matrix’]

 
(..+because..) [+that] – (..is..) (ain=eie) – (..what..) – [+I] desire – [=from] you ,
says – IEUE of – hosts ,
and=as the gift – I (will) accept – from your hand [=’doing’] ;                                                [=’see line 9’]

 
that=because – from the rising of – the sun – unto – he goes [-down] ,         [=’in matrix dimension !’]
my – great – name – (is) [=over] the nations [=’of spirits !’] ;                                                    [=’as Light’]
and=for – my name – [=as] the clean – gift – (is) brought near [+to them] [=’spirits’] ,       +
[+as] the incense – in every – [matrix-] place ;       

 
that=because – my – great – name – (is) (now) [=over] the nátions [=’of spirits’] ! ,
says – IEUE of – hosts ;

Was er ook maar iémand onder u die de deuren zou sluiten, dan zou u niet zonder reden
mijn altaar aansteken . Ik heb geen welgevallen in u, zegt de Heer van de legermachten ,
en een graanoffer uit uw hand aanvaard ik niet .
Want vanwaar de zon opkomt tot waar hij ondergaat, zal mijn naam groot zijn onder
de heidenvolken ; in elke plaats zal aan mijn naam een reukoffer gebracht worden ,
en een rein graanoffer. Voorzeker, mijn naam zal groot zijn onder de heidenvolken ,
zegt de Heer van de legermachten .

  • [=’natuurlijk kunnen de zonen niet letterlijk die deur sluiten – dat doet God wel ,
    maar de verlangde gift is “begrijpen van profeten”, zie volgende hoofdstukken ;
    zin :]

“wie (..onder..) u zal maken dat de dubbele deur gesloten zal worden , [=’dimensioneel-centrum’]
[=als] u die mijn altaar [=’poort’] niét gratis op doet lichten ? ;                    [=’voor matrix-dimensie’]

 
(..+omdat..) [+dit] (..is..) (ain=eie) (..wat..) [+ik] [=van] u verlang ,
zegt IEUE van de legermachten ,
[=als] de gift die ik zal accepteren [=uit] uw hand [=’actie’] ;                                                [=’zie zin 9’]

 
[=omdat] vanaf het opgaan van de zon totdat hij [-onder] gaat ,                  [=’in matrix-dimensie !’]
mijn grote naam [=over] de naties [=’van geesten !’] is ;                                                       [=’als Licht’]
[=want[ mijn naam [=als] de pure gift wordt [+hen] [=’geesten’] naderbij gebracht ,      +
[+als] de wierook in iedere [matrix-] plaats ;

 
[=omdat] mijn naam (nu) [=over] de náties [=’van geesten’] is ! ,
zegt IEUE van de legermachten ; 

 
12-13-14
slot : … en uiteindelijk zullen er zonen zijn die daar gehoor aan geven :
and·you ones-profaning him in·to-say-of·you table-of my-Lord being-sullied he
and·produce-of·him being-despised food-of·him and·you-say behold ! what-tiredness
and·you-puff him he-says ieue-of hosts and·you-bring one-being-pillaged and the·lame
and the·one-being-ill and·you-bring the·present ?·I-shall-accept her from·hand-of·you
he-says ieue and·being-cursed one-plotting and·there-is in·drove-of·him male
and·one-vowing and·one-sacrificing one-being-ruined to·my-Lord that king great I he-says
ieue-of hosts and·name-of·me being-feared in·the·nations
But ye have profaned it, in that ye say, The table of the LORD [is] polluted; and the fruit thereof,
[even] his meat, [is] contemptible. Ye said also, Behold, what a weariness [is it]! and ye have

snuffed at it, saith the LORD of hosts; and ye brought [that which was] torn, and the lame,
and the sick; thus ye brought an offering: should I accept this of your hand? saith the LORD.
But cursed [be] the deceiver, which hath in his flock a male, and voweth, and sacrificeth unto
the Lord a corrupt thing: for I [am] a great King, saith the LORD of hosts, and my name [is]
dreadful among the heathen.
‘fruit’ , H5108 nob ‘praise, fruit’ 2x ; nub ‘flourish, fruit’ , a few ;
‘weariness’ , H4972 mattelaah ‘wearyness’ 1x ; – telaah ‘hardship, tiresome’ + mah ?
‘snuffed’ , H5301 naphach ‘to breathe, to blow’ ; 1875 darash ‘search, seek, enquire’ ? ;
‘cursed’ , H779 arar ‘cursed’, many ;
‘deceiver’ , H5230 nakal ‘deceive, be crafty, to plot’, 5x ;
‘voweth’ , H5087 nadar ‘to vow’ (was in Jer chapter) ;

  • context : closing : … and ultimately there will be sons who will hearken :

line ,
and=but you – (are) the ones (who lét) – him [=’gate’] – (keep being) profaned ,
in=by saying : the table of – [=our] lord – (is) [+nót] – defiled ,                                [=’comp. line 7’]
and=as – (..his altar..) (nb=mzbch) – (which is) [+nót] – regarded with contempt [=’by spirits’] :            

 
and=for you say : behold ! , (it is) tiresome – (..to seek?, close?..) – him [=’double-door’] ,
says – IEUE of – hosts ,
[=so] you (keep on) bringing – the torn – and the crippled – and the ill [-sacrifices] ,
(..+instead of..) bringing – the present – (which) I (will) accept – from your hand , says – IEUE ;

 
the ones (who) deceive [-themselves] – (will) curse [-themselves] ;                    [=’see next ch. 2’]
and=but there (will be) – males – [=among] (..the sons..)  (!)    +
[=as] the ones vowing – to the Lord – (..to close..) (zbch=sgr) – the ruined one [=’gate’] :

 
that=then – I (will be) – the great – king , says – IEUE of – hosts ,                 [=’eden-dawn starts’]
and my name – (will be) dreaded – [=by] the nations [=’of spirits’] .

Maar u ontheiligt hem, wanneer u zegt : de tafel van de Heer, die is onrein,
en wat zij oplevert, haar voedsel, is verachtelijk . Verder zegt u : zie, wat een vermoeienis !
Maar u zou het kunnen wegblazen, zegt de Heer van de legermachten. U brengt wat geroofd ,
kreupel en ziek is. Als u dat graanoffer brengt, zou ik dat dan uit uw hand aanvaarden ?
zegt de Heer. Ja, vervloekt is de bedrieger die een mannetjesdier in zijn kudde heeft ,
en een gelofte doet, maar aan de Heer offert wat geschonden is !
Voorzeker, ik ben een groot koning, zegt de Heer van de legermachten, en mijn naam is
ontzagwekkend onder de volken .

“[=maar] u bent degenen die hem [=’poort’] vervuild láten blijven ,
[=door] te zeggen : de tafel van de Heer is [+niét] onrein ,                                   [=’vergelijk zin 7’]
[=als] (..zijn altaar..) (nb=mzchb) die [+niét] veracht wordt [=’door geesten’] :

 
[=want] u zegt : zie ! , (het is) vermoeiend – (om) hem [=’deur’] (..te zoeken ?, te sluiten?..) ,
zegt IEUE van de legermachten ,
[=dus] (blijft) u de gescheurde en kreupele en zieke [-offers] brengen ,
(..+in plaats van..) de gift te brengen die ik [=uit] uw hand zal accepteren , zegt IEUE ;

 
degenen die [-zichzelf] bedriegen zullen [-zichzelf] vervloekt hebben ;                 [=’zie hfdst. 2’]
[=maar] er zullen mannelijken [=onder] (..de zonen..) (!) zijn     +                    [<< onvertaalbaar]
[=als] degenen die de Heer de gelofte doen    +
om hij [=’poort’] die geruïneerd is (weer) te sluiten :                 [=’geruïneerd : matrix ; -shchth’]</strong

 
[=dan] zal ik de grote koning zijn , zegt IEUE van de legermachten ,     [=’eden-morgen begint’]
en mijn naam zal angstwekkend zijn [=voor] de naties [=’van geesten’]

 


14.10.18 — (tweede) aangepaste versie van origineel —- Report series —-
17.07july.2020   —   submitted as second version , and definitive –  after cleanup